Advies Passende zorg fysio- en oefentherapie

Op verzoek van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) onderzoekt Zorginstituut Nederland samen met partijen in de zorg of de toegankelijkheid van fysio- en oefentherapie kan worden verbeterd. Hierbij bekijken we welke onderdelen van de fysio- en oefentherapie onder welke voorwaarden vergoed zouden moeten worden uit het basispakket van de zorgverzekering, om zoveel mogelijk bij te dragen aan passende zorg in Nederland.

Aanleiding voor dit advies

Omdat we verwachten dat een juiste inzet van fysio- en oefentherapie een belangrijke bijdrage kan leveren aan passende zorg, onderzoekt het Zorginstituut welke onderdelen van deze zorg uit de basisverzekering vergoed zouden moeten worden, en onder welke voorwaarden. Passende zorg is een aanpak, om ervoor te zorgen dat iedereen in Nederland toegang houdt tot goede zorg.  

Fysio- en oefentherapie is zorg waarvoor mensen geen verwijzing van de huisarts nodig hebben. Op dit moment wordt fysio- en oefentherapie alleen vergoed voor een klein aantal chronische aandoeningen. En vaak moeten patiënten de eerste 20 behandelingen zelf betalen. Daarnaast hebben zorgaanbieders en zorgverzekeraars te maken met een ingewikkelde manier van financieren. Dat leidt tot een aantal knelpunten. Bijvoorbeeld het uitwijken van patiënten naar duurdere vormen van zorg, zoals ziekenhuisopnames en operaties. Of het uitstellen, en soms zelfs afstellen van zorg.

Passende aanspraak fysio- en oefentherapeutische zorg (PAFOZ)

Passende zorg stelt de kwaliteit van leven en het functioneren van mensen voorop. Fysio- en oefentherapie kan hieraan bijdragen wanneer het leidt tot een verbetering van functioneren, gezondheid en kwaliteit van leven. Bijvoorbeeld doordat mensen beter kunnen omgaan met een klacht, meer kunnen bewegen of ondersteuning krijgen bij zelfmanagement. Of doordat ze goede voorlichting krijgen over hun ziekte, die aansluit op hun hulpvraag. Al dit soort onderdelen en andere mogelijkheden voor meerwaarde gaan we in het adviestraject Passende Aanspraak Fysio- en Oefentherapeutische Zorg (PAFOZ) onderzoeken en beschrijven. Dit doen we vanuit de 4 principes van passende zorg.

Doel van het advies PAFOZ

Het advies van het Zorginstituut geeft antwoord op de volgende vraag van de minister van VWS:

  • Wat is een geschikte vormgeving van de aanspraak van eerstelijns fysio- en oefentherapie vanuit het basispakket van de zorgverzekering, daarbij rekening houdend met de uitgangspunten van passende zorg?

Opbouw van het advies

Het advies zal ingaan op de volgende thema’s: 

  • Wat is de meerwaarde van fysio- en oefentherapie? Op welke manier kan de eerstelijns fysio- en oefentherapie van meerwaarde zijn voor de beweging naar passende zorg en juiste zorg op de juiste plek? 
  • Op welke manier kan fysio- en oefentherapie, uitgaande van deze meerwaarde, deel uitmaken van het basispakket? Hoe kan de aanspraak maximaal bijdragen aan de beweging naar passende zorg? Wat zijn de risico’s en hoe kunnen we deze verkleinen? 
  • Welke randvoorwaarden zijn hiervoor nodig? Denk bijvoorbeeld aan financiering, kwaliteit van de geleverde zorg, opleidingsniveau van zorgverleners en samenwerkingsafspraken. 
  • Wat betekent dit voor het budgettair kader zorg? Wat kost een andere manier van vergoeden en wat zijn de verwachte opbrengsten? Bij wie komen de kosten en verwachte opbrengsten terecht? 
  • Hoe kunnen we het financieel en inhoudelijk effect volgen van een eventuele verandering in manier van vergoeden? Wie gaat dat monitoren, en hoe? 

Tussenuitkomst

Als eerste stap heeft het Zorginstituut in dialoog met patiëntenorganisaties, zorgverleners, zorgverzekeraars, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen breed input opgehaald over de (potentiële) meerwaarde van fysio- en oefentherapie voor passende zorg. Dat deden we in de periode van december 2021 tot maart 2022. Op basis van deze kennis, inzichten en praktijkvoorbeelden zien we de potentie om de 4 principes van passende zorg te gebruiken om fysio- en oefentherapie te toetsen op pakketwaardigheid. Als tussenuitkomst maken wij de inschatting dat operationalisering van het begrip Passende zorg voor de fysio- en oefentherapeutische zorg haalbaar is. We hebben hierover op 24 maart 2022 per brief een procesupdate gestuurd naar minister Kuipers van VWS:

Brief aan de minister van VWS met procesupdate adviesaanvraag fysio- en oefentherapie.

Deze brief bevat als een bijlage een advies met bijbehorende data-analyses en scenario's van het Zorginstituut aan de minister van VWS over de inrichting Bijlage 1 Besluit zorgverzekering: 

Fysio- en oefentherapie: Systeemadvies inrichting Bijlage 1 Besluit zorgverzekering.

Genomen stappen in 2023

Het Zorginstituut heeft in dialoog met partijen van het Bestuurlijk Overleg fysio- en oefentherapie verder gewerkt aan het advies passende fysio- en oefentherapie. De betrokkenheid van de Kwaliteitsraad, Wetenschappelijke Adviesraad en Adviescommissie Pakket is voorzien en meegenomen in dit traject. In januari 2023 hebben we een eerste voortgangsrapportage over het advies aan de minister uitgebracht: 

De conclusie in deze eerste rapportage is dat partijen eerst 3 randvoorwaarden moeten vervullen voordat we een eindadvies aan de minister kunnen uitbrengen. Het advies beschrijft een route die het mogelijk maakt om langs de principes van passende zorg een toekomstige aanspraak in de basisverzekering vorm te geven. Het is dus nog geen eindadvies, maar de weg daarnaartoe.

Ook na januari 2023 hebben betrokken partijen belangrijke stappen gezet om inzicht te geven in passende fysio- en oefentherapeutische zorg. 

  • De NzA heeft begin januari een adviesrapport gepubliceerd: 'Passende bekostiging voor eerstelijns fysiotherapie en oefentherapie.'
  • Beroepsgroepen, patiëntenorganisaties en zorgverzekeraars hebben samen het Kwaliteitskader fysio- en oefentherapie ontwikkeld. Hiermee is een belangrijk deel van de randvoorwaarden ingevuld. In het kwaliteitskader hebben de partijen concrete afspraken uitgewerkt over goede fysio- en oefentherapeutische zorg die voldoet aan de principes van passende zorg. In 2024 ontwikkelen zij een bijbehorend ontwikkel- en implementatieplan. De volgende stap is het gezamenlijk aanbieden van het Kwaliteitskader aan het register. 
  • Het Zorginstituut heeft in 2023 gewerkt aan 2 adviezen over fysio- en oefentherapeutische indicatie-interventiecombinaties.
  • Het Zorginstituut heeft tussen januari 2023 en december 2023 3 van de 6 geagendeerde indicatie-interventiecombinaties in de wachtkamer geduid en een standpunt hierover uitgebracht. Voor de overige 3 onderwerpen is het Zorginstituut in afwachting van aanvullende onderzoeksgegevens om een actuele beoordeling van de stand van de wetenschap en praktijk uit te voeren.

Dit zijn mooie ontwikkelingen. Maar we constateren dat er op alle 3 de randvoorwaarden vervolgstappen nodig zijn voordat het Zorginstituut een volledig eindadvies kan uitbrengen over een wijziging van de aanspraak op passende eerstelijns fysio- en oefentherapeutische zorg. In januari 2024 hebben we een tussenrapport gepubliceerd. 

Vervolgstappen in 2024

Vanwege ontwikkelingen na de consultatieperiode besloten we dat in een laatste hoofdstuk wordt beschreven welke bouwstenen, of onderdelen daarvan, al op korte termijn zouden kunnen voldoen aan de programmalijn. Over deze bouwstenen brengen we een versneld advies uit aan de minister van VWS. Zo kunnen de geadviseerde aanpassingen in de aanspraak op fysio- en oefentherapie worden opgenomen in de Kamerbrief over wijziging basispakket 2025. Voor deze onderdelen van fysio- en oefentherapie kan de toegankelijkheid versneld verbeteren en bijdragen aan passende zorg in brede zin. 

Het Zorginstituut werkt tegelijkertijd verder aan de bouwstenen die nog niet op korte termijn kunnen voldoen aan de randvoorwaarden en adviseert over deze onderdelen in het eindadvies over passende fysio- en oefentherapeutische zorg. 

Het Zorginstituut kan voor een aantal bouwstenen op korte termijn advies uitbrengen aan de politiek, mits het kwaliteitskader wordt opgenomen in het register. Daarnaast zijn andere bouwstenen aangemerkt als kansrijk om ook randvoorwaarde 2 voor in te vullen zoals beschreven in de programmalijn.  

Het Zorginstituut onderzoekt samen met partijen welke bouwstenen voldoen aan de programmalijn. Deze bouwstenen kunnen geheel of gedeeltelijk in aanmerking komen voor toevoeging aan de aanspraak op fysio- en oefentherapeutische zorg of opheffing van de beperkingen in de bestaande aanspraak. Het Zorginstituut brengt hierover advies uit aan de politiek. In dit advies zullen we de diverse pakketcriteria vanuit het perspectief van de programmalijn invullen.

De uitvoering van de programmalijn is een omvangrijk en complex traject. Het vraagt om een verandering in ons denken over de toekomst van de fysio- en oefentherapie. Het Zorginstituut heeft in het proces van de totstandkoming van het kwaliteitskader gezien dat partijen hiertoe in staat zijn. Het is nu aan de betrokken partijen om ook de vervolgstappen te zetten. Zonder hun welwillende inzet en samenwerking is het niet mogelijk om de ingezette beweging naar passende fysio- en oefentherapie te vervolgen. 

Voor informatie

Hebt u een vraag over het advies Passende zorg fysio- en oefentherapie? Stuur dan een e-mail naar pafoz@zinl.nl.

Betrokken partijen

  • Patiëntenfederatie Nederland
  • Koninklijke Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF)
  • Stichting Keurmerk Fysiotherapie (SKF)
  • Vereniging van Oefentherapeuten Cesar en Mensendieck (VvOCM) 
  • Zorgverzekeraars Nederland (ZN)
  • Nederlandse Zorgautoriteit (NZa)

Publicaties