Zorginstituut Nederland evalueert de toepassing van het standpunt Ductoscopie bij pathologische tepeluitvloed. Hierbij evalueert het Zorginstituut de passende organisatie en inzet van ductoscopie, volgens de afspraken in het standpunt en het bijbehorende waarborgendocument. 

Standpunt Ductoscopie bij pathologische tepeluitvloed

Op 13 december 2022 bracht het Zorginstituut het standpunt Ductoscopie bij pathologische tepeluitvloed uit. Hierin concludeert het Zorginstituut dat ductoscopie bij pathologische tepeluitvloed voldoet aan ‘de stand van wetenschap en praktijk’. Het gaat om tepeluitvloed die langer dan 3 maanden duurt, zonder dat daar een duidelijke verklaring voor is. Hierbij is uit een mammografie (röntgenfoto van de borst) of echografie (onderzoek dat geluidsgolven omzet naar beeld) geen kwaadaardige tumor gebleken. Om gepast gebruik te bevorderen van deze behandeling, heeft de beroepsgroep in samenwerking met Zorgverzekeraars Nederland (ZN) een waarborgendocument met kwaliteitsafspraken opgesteld.

Deze kwaliteitsafspraken gaan over: 

  • indicatiecriteria
  • ontwikkelen van informatie voor samen beslissen
  • kwaliteitscriteria behandelaars en behandelcentra
  • concentratie van zorg
  • opzetten van een scholingsprogramma
  • onderzoek naar de effectiviteit en veiligheid van de behandeling in de praktijk.

De vergoeding van ductoscopie is op 13 december 2022 ingegaan.

Evaluatievragen en voortgang

Op basis van het standpunt en het waarborgendocument hebben we 13 evaluatievragen opgesteld. In 2025 deden we een voortgangsmeting om de evaluatievragen kwalitatief te onderzoeken. Hiervoor namen we contact op met onze contactpersonen van de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (NVvH) sectie Nederlandse Vereniging voor Chirurgische Oncologie (NVCO), Borstkankervereniging Nederland (BVN) en Zorgverzekeraars Nederland (ZN). De voortgang van de evaluatievragen bespraken we in een overleg met de NVvH in september 2025. In het overleg werd duidelijk dat de implementatie van ductoscopie nog niet op gang is: de behandeling op dit moment namelijk alleen uitgevoerd door 1 chirurg-oncoloog in het UMC Utrecht. 

Voortgang evaluatievragen
NummerEvaluatievraagStand van zaken september 2025
1Heeft het expertisecentrum van het UMC Utrecht de training voor behandelaars opgestart?Het UMC Utrecht heeft de training nog niet ontwikkeld. Zij gaan hier de komende tijd mee aan de slag. De producent van het HIFU-apparaat maakt een film over het uitvoeren van ductoscopie. Daarnaast kijken nieuwe centra mee bij het uitvoeren van ductoscopie in het UMC Utrecht.
2Wat zijn de resultaten van de inventarisatie van mogelijke behandelcentra door het expertisecentrum van het UMC Utrecht?Uit de inventarisatie blijkt dat er voldoende interesse is voor het uitvoeren van ductoscopie. Als de training beschikbaar is, wordt het Spaarne Ziekenhuis als eerste opgeleid. 
3In hoeverre wordt de ‘Leidraad nieuwe interventies in de klinische praktijk’ van het Zorginstituut gebruikt bij implementatie van ductoscopie?Het is bij ons niet bekend wat de status hiervan is.
4Is er een beslisboom, shared decision tool en schriftelijke patiënteninformatie ontwikkeld? Worden deze documenten in de praktijk gebruikt?Het UMC Utrecht gebruikt de beslisboom en de patiënteninformatie uit het waarborgendocument om samen met de patiënt te beslissen over de behandeling. Er is geen shared-decision tool ontwikkeld. De patiënteninformatie uit het waarborgendocument is aangepast, zodat het ook gebruikt kan worden in andere centra. De aangepaste patiënteninformatie staat in een geüpdatete versie van het waarborgendocument en is nog niet gepubliceerd op de website van het Zorginstituut. Het Zorginstituut heeft de aangepaste patiënteninformatie bekeken en kwam tot de conclusie dat enige aanpassing nodig is. Deels omdat de NVvH geen shared-decision tool meer ontwikkelt. Het Zorginstituut heeft de NVvH gevraagd om de benodigde aanpassingen in de patiënteninformatie door te voeren. 
5Is de Module ductoscopie in de richtlijn Borstkanker geactualiseerd of in herziening? En wordt hierin verwezen naar de shared decision tool en de schriftelijke patiënteninformatie?De module ductoscopie in de richtlijn borstkanker is niet aangepast. Volgens de NVvH is er geen aanpassing nodig. Het Zorginstituut heeft de NVvH gevraagd een verwijzing aan de module toe te voegen naar de aangepaste patiënteninformatie. 
6Hoe worden de kwaliteitscriteria voor behandelcentra en behandelend artsen nageleefd in de praktijk? Hoe wordt dit geborgd?Op dit moment voert alleen 1 chirurg-oncoloog in het UMC Utrecht ductoscopie uit. Antwoord op deze vraag volgt als meerdere centra ductoscopie uitvoeren. 
7Is er een dataregistratie opgestart volgens de afspraken in het waarborgendocument?Het UMC Utrecht houdt de data bij in een eigen registratie. Er is op dit moment geen centrale registratie beschikbaar. Als meer centra ductoscopie uitvoeren, zet de NVvH een centrale registratie op, zoals beschreven in het waarborgendocument. 
8Worden de data over patiënten uit de registratie jaarlijks aangeboden aan onder andere het Zorginstituut?Rapportage volgt als meer centra ductoscopie uitvoeren.
9Hoeveel patiënten worden jaarlijks behandeld met ductoscopie en wat zijn de bijbehorende kosten? Hoe verhoudt zich dat tot de raming?Antwoord volgt bij de effectmeting.
10Wordt de behandeling gegeven volgens de indicatie?

Antwoord volgt bij de effectmeting.

Huidige stand van zaken: de NVvH geeft aan dat ductoscopie soms buiten de indicatiecriteria wordt toegepast. Het is aantrekkelijk deze procedure uit te voeren, aangezien het een dure chirurgische ingreep kan voorkomen. De slagingskans van ductoscopie neemt volgens de NVvH wel af als het buiten de indicatiecriteria wordt toegepast. 

11Hoeveel behandelcentra zijn er in Nederland en hoe verhoudt zich dat tot de raming?

Antwoord volgt bij de effectmeting.

Huidige stand van zaken: op dit moment voert alleen het UMC Utrecht ductoscopie uit. 

12Voldoen alle uitvoerende centra aan de volumenorm?Antwoord volgt bij de effectmeting.
13Hebben alle uitvoerende centra de geaccrediteerde training van de NVvH gevolgd?Antwoord volgt bij de effectmeting.

Planning van de evaluatie

We doen in 2026 een effectmeting waarin we de toepassing van ductoscopie in de praktijk kwantitatief onderzoeken. Dit doen we op basis van declaratiedata en de eigen registratiedata van de NVvH, als die beschikbaar zijn. Daarna organiseren we een bijeenkomst met de betrokken partijen om de resultaten te bespreken. Afhankelijk van de bevindingen doen we nog een effectmeting op een later moment. De evaluatievraag over de volumenorm (vraag 12) evalueren we kwantitatief, als de data beschikbaar is over 3 opeenvolgende jaren waarin ductoscopie is geïmplementeerd. We publiceren de resultaten van de effectmetingen op deze webpagina. Na de laatste effectmeting publiceren we een beknopt evaluatierapport en sluiten daarmee de evaluatie af.

Betrokken partijen

  • Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (NVvH), sectie Nederlandse Vereniging voor Chirurgische Oncologie (NVCO)
  • Borstkankervereniging Nederland (BVN)
  • Zorgverzekeraars Nederland (ZN)

Meer informatie of vragen?

Hebt u vragen over deze evaluatie? Mail uw vraag dan via ons contactformulier.