Wijkverpleging (18 jaar en ouder)

Wijkverpleging is verpleging en verzorging in de eigen omgeving. Deze zorg kan nodig zijn vanwege bijvoorbeeld ziekte of een lichamelijke beperking. Voor wijkverpleging is geen verwijzing van de huisarts nodig. Een verzekerde kan zelf contact opnemen met een zorgaanbieder op het moment dat dat nodig is. De wijkverpleegkundige bekijkt samen met de verzekerde welke zorg er nodig is en wie de zorg moet leveren. Dit noemen we indicatiestelling. De wijkverpleegkundige gebruikt bij de indicatiestelling de normen en uitgangspunten van de beroepsgroep.

Informatie over zorg voor het zieke kind en gezin in de eigen omgeving staat op de pagina ‘Kindzorg (0-18 jaar)’.

Vergoeding van wijkverpleging

Wijkverpleging wordt vanuit het basispakket vergoed. Er geldt geen eigen bijdrage voor deze zorg. Ook het eigen risico geldt niet. Er is geen verwijzing nodig van bijvoorbeeld de huisarts. Een verzekerde kan zelf contact opnemen met een zorgaanbieder op het moment dat dat nodig is. Soms is toestemming nodig van de zorgverzekeraar. Bijvoorbeeld als de zorgaanbieder geen overeenkomst heeft met uw zorgverzekeraar. Het is raadzaam hierover contact op te nemen met uw zorgverzekeraar.

Verpleging en verzorging in de eigen omgeving

Verpleging in de wijk omvat 'zorg zoals verpleegkundigen die plegen te bieden’. Dit betekent dat alle zorg die de wijkverpleegkundige tot zijn deskundigheid rekent (zoals omschreven door de beroepsgroep) uit het basispakket vergoed kan worden. De zorg wordt geleverd 'in de eigen omgeving' van de verzekerde. Dat kan zijn thuis, maar ook bijvoorbeeld op werk of op de dagbesteding. Samen met de huisartsenzorg is wijkverpleging erop gericht mensen zo lang mogelijk thuis te laten wonen, ondanks ouderdom, ziekte of beperking.

Wat valt er onder wijkverpleging?

Verpleging en verzorging

Het kan gaan om bijvoorbeeld:

  • wondverzorging
  • stomazorg
  • katheteriseren
  • hulp bij het aankleden en uitkleden
  • hulp bij het wassen en douchen
  • verzorging van de huid

Het gaat ook om:

  • coördineren van zorg
  • signaleren van mogelijke problemen
  • coachen, bijvoorbeeld ondersteuning bij zelfmanagement
  • preventieve zorg om aandoeningen, beperkingen of verslechtering van de gezondheid te voorkomen

Casemanagement bij dementie

De dementieverpleegkundige biedt verzekerden en hun naasten ondersteuning, begeleiding en behandeling. Hierbij staat de hulpvraag van de verzekerde en mantelzorger centraal. De dementieverpleegkundige is deskundig op het gebied van dementie en de gevolgen ervan. De dementieverpleegkundige kent de mogelijkheden voor begeleiding en behandeling en regelt de zorg.

Zorg in de laatste levensfase

Zorg in de laatste levensfase is niet meer gericht op genezing. Het doel is om de verzekerde een zo goed mogelijke kwaliteit van leven te geven. Dit gaat volgens de eigen wensen en keuzes van de verzekerde. Er wordt geprobeerd om ongemakken te voorkomen en klachten te verlichten. De wijkverpleegkundige bekijkt samen met de verzekerde op welke manier in deze fase goede zorg gegeven kan worden.

Wijkverpleging aanvragen

Voor wijkverpleging is geen verwijzing nodig van een huisarts of medisch specialist. Een verzekerde kan zelf contact opnemen met een organisatie die wijkverpleging biedt. Het kan wel zo zijn dat de zorgverzekeraar van te voren toestemming moet geven. Dit geldt bijvoorbeeld als de zorgverzekeraar geen overeenkomst heeft gesloten met de betreffende zorgaanbieder.
Wijkverpleging wordt uitgevoerd door wijkverpleegkundigen en verzorgenden, afhankelijk van de zorgbehoefte van de verzekerde. De wijkverpleegkundige bekijkt welke zorg nodig is (indiceren) en kijkt wie de zorg moet leveren.

Meer informatie over het aanvragen van wijkverpleging is te vinden op:

Indicatiestelling

De wijkverpleegkundige komt bij de verzekerde thuis en bepaalt samen met de verzekerde welke zorg er nodig is en wie de zorg moet leveren. Dit heet indicatiestelling. De wijkverpleegkundige hanteert bij de indicatiestelling de normen en uitgangspunten van de beroepsgroep.

Meer informatie over wijkverpleging en indiceren staat op de website van Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (V&VN):

Tegelijk met het V&VN Begrippenkader indicatieproces heeft het Zorginstituut een nadere duiding Verpleegkundige indicatiestelling uitgebracht, met daarbij een samenvatting in heldere taal.

De implementatie hiervan in de praktijk gaan we volgen met een jaarlijkse evaluatie.

Zorg in natura of PGB

Een verzekerde kan kiezen voor zorg in natura (ZIN) of kan een persoonsgebonden budget (PGB) aanvragen bij de zorgverzekeraar. Voor de indicatiestelling maakt het niet uit voor welke leveringsvorm wordt gekozen. De wijkverpleegkundige volgt in beide situaties de stappen uit het verpleegkundig proces en de indicatiestelling moet voldoen aan het normenkader.

Bij ZIN heeft de zorgverzekeraar een overeenkomst met de zorgaanbieder die de zorg levert. De zorgverzekeraar maakt afspraken met de zorgaanbieder en betaalt deze rechtstreeks. Wordt er gekozen voor zorg via een PGB dan kan een verzekerde zelf zijn zorgverleners kiezen en hier zelf een overeenkomst mee sluiten. De zorgverleners worden dan betaald vanuit het PGB. Welke voorwaarden er aan het PGB verbonden zijn, is terug te vinden in de polisvoorwaarden en het reglement van de zorgverzekeraar.

Eigen bijdrage en eigen risico

Meestal wordt wijkverpleging vanuit het basispakket vergoed. Er geldt dan geen eigen bijdrage voor de zorg in de eigen omgeving. Ook het eigen risico geldt niet voor deze zorg.

Vergoeding vanuit Zvw, Wmo of Wlz

Als de zorg in een geneeskundige context plaatsvindt dan valt deze onder de Zvw. Het bepalen of sprake is van een geneeskundige context is dus van belang bij de afbakening tussen Zvw en Wmo, bijvoorbeeld in verband met het leveren van verzorging. Verzorging valt onder de Zvw als deze samenhangt met ‘een behoefte aan geneeskundige zorg of een hoog risico daarop’.
Wanneer er alleen verzorging nodig is, kan zorg thuis ook onder de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) of de Wet langdurige zorg (Wlz) vallen.

Meer informatie over de geneeskundige context staat beschreven in: ‘Verpleegkundige indicatiestelling - een nadere duiding’

Wmo

Wanneer er alleen verzorging nodig is en er is geen sprake van een geneeskundige context waar binnen deze verzorging gegeven wordt, valt dit onder de Wmo. Het gaat dan bijvoorbeeld om ondersteuning bij algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL) wanneer een verzekerde niet voldoende zelfredzaam is. Bijvoorbeeld in verband met een psychiatrische aandoening of beperking, een verstandelijke of zintuiglijke handicap. Deze zorg kan aangevraagd worden bij de gemeente waarin de verzekerde woont. Voor deze zorg kan een eigen bijdrage gelden.

Wlz

Als een verzekerde een Wlz-indicatie heeft dan is verpleging en verzorging onderdeel van de zorg vanuit de Wlz. Informatie hierover is te vinden op de pagina 'Persoonlijke verzorging, begeleiding en verpleging (Wlz)'.

Soms valt de verpleging onder de Zorgverzekeringswet. Dat is het geval wanneer de verpleging plaatsvindt onder directe aansturing van de behandelend medisch specialist. Meer informatie hierover is te lezen in het standpunt 'Verpleging Wlz en Zvw'.

Regelgeving

De aanspraak op wijkverpleging staat beschreven in: