Verzekerden met een beperkt gezichtsvermogen kunnen onder voorwaarden aanspraak maken op visuele hulpmiddelen zoals een tactiel-leesapparatuur, een beeldschermloep, blindengeleidehond of hulpmiddel die stoornissen corrigeren in de visuele functie of aan het oog verwante structuren, zoals het ooglid en traanklieren. In deze laatste categorie geldt een vergoeding voor lenzen bij medische indicatie, bijzondere optische hulpmiddelen of een ptosisbril.

Hulpmiddelen ter correctie van stoornissen in de visuele functie

Er geldt een vergoeding voor uitwendige hulpmiddelen die stoornissen corrigeren van de visuele functie of aan het oog verwante structuren, zoals lenzen of speciale brillen. Gewone brillen of filterbrillen (brillenglazen en montuur) worden echter niet vergoed. Kunsttranen vallen ook niet onder de hulpmiddelenzorg.

Lenzen bij medische indicatie

Een verzekerde heeft recht op de vergoeding van lenzen als er sprake is van een medische indicatie voor het dragen van deze lenzen. Dit is het geval als met de lenzen een grotere verbetering van de visus kan worden bereikt dan met brillenglazen. Veel voorkomende indicaties bij lenzen zijn:

  • een hoge refractieafwijking (> 10 dioptrieën);
  • grote verschillen (> 4 dioptrie) in sterkte tussen linker- en rechteroog (anisometropie);
  • sterke cilindervorming (hoog astigmatisme, > 4 dioptrie);
  • keratoconus en hoornvliestransplantatie.

Ook zijn er indicaties waarbij een gekleurde of ingekleurde contactlens een aanzienlijke verbetering oplevert in vergelijking tot filterglazen. Het gaat dan onder meer om aandoeningen als achromatopsie, albinisme of personen met irisaandoeningen (aniride of iriscoloboma).
Bij de aanschaf van lenzen is de verzekerde een eigen bijdrage verschuldigd.

Bijzondere optische hulpmiddelen

Onder de bijzondere optische hulpmiddelen vallen voorzieningen als telescoopbrillen, verrekijkerloepen, loepen etc. Een verzekerde komt hiervoor in aanmerking als redelijkerwijs niet kan worden volstaan met een bril of contactlenzen.

Bandagelenzen zonder visuscorrectie hebben de functie van een verbandmiddel en vallen om die reden onder de aanspraak op verbandmiddelen.

Ptosisbril of kappenbril

Als er sprake is van functieverlies van het ooglid of van de traanklieren, kan een verzekerde in aanmerking komen voor vergoeding van een ptosisbril of kappenbril.

Afdekpleisters

Afdekpleisters ter behandeling van amblyopie (lui oog) dienen ter correctie van stoornissen in de visuele functie en vallen daarmee onder deze te verzekeren prestatie.

Eigen bijdrage

Voor lenzen betaalt de verzekerde in 2017 een eigen bijdrage van € 56 per lens als sprake is van lenzen met een gebruiksduur langer dan een jaar. Als sprake is van lenzen met een gebruiksduur korter dan een jaar betaalt de verzekerde een eigen bijdrage van € 112 per kalenderjaar. Als slechts één oog moet worden gecorrigeerd geldt een eigen bijdrage van € 56 per kalenderjaar.

Gewone contactlenzen en brillen

Contactlenzen zonder medische indicatie en gewone brillen vallen niet onder de te verzekeren prestatie.

Hulpmiddelen ter compensatie van beperkingen in het lezen, schrijven of gebruik van telecommunicatieapparatuur

Bij deze categorie hulpmiddelen gaat het om een groot scala aan hulpmiddelen die mensen met een visuele beperking gebruiken voor hun communicatie en informatievoorziening. Hieronder vallen voorzieningen zoals in- en uitvoerapparatuur voor computers, grootlettersoftware, spraaksoftware voor mobiele telefoons, beeldschermloepen en voorleesapparatuur van Daisy-lectuur en TV-ondertiteling. Van belang is dat deze hulpmiddelen compenseren bij beperkingen in het lezen en/of schrijven van teksten en gebruik van telecommunicatieapparatuur, waarbij er een relatie moet bestaan tussen het specifieke hulpmiddel en de visuele stoornis. Een dergelijke relatie is bij een computer of mobiele telefoon (waaronder smartphone) niet aanwezig, maar wel bij de specifiek voor blinden en slechtzienden op de markt gebrachte hulpmiddelen – bijvoorbeeld een brailleleesregel of spraaksoftware – die de computer of mobiele telefoon toegankelijk maakt voor mensen met een visuele beperking.

Uitgangspunt bij de hulpmiddelenzorg is dat het gaat om functionerende hulpmiddelen. Dit betekent dat hulpmiddelen gebruiksklaar worden afgeleverd zodat de verzekerde ermee aan de slag kan. Onder het gebruiksklaar afleveren van deze apparatuur valt onder meer de programmatuur die nodig is om de apparatuur te laten werken, de noodzakelijke updates en upgrades, installatie, instructie en nazorg.

Geen te verzekeren prestatie

Eenvoudige hulpmiddelen voor lezen en schrijven vallen niet onder de te verzekeren prestatie. Het gaat daarbij om eenvoudige, relatief goedkope hulpmiddelen, zoals een reglette met prikpen, braillelettertang of –schijf, braillefolie, -labels en –papier, handschriftgeleiders, agenda’s en kalenders in grootletterschrift, notitieblokken, toetsenbordstickers, eenvoudige hand- en standloepen en leeslinialen. Ook grootletter- en luisterboeken vallen hieronder. Dergelijke lectuur kan zonder meerkosten geleend worden bij openbare en aangepast lezen bibliotheken.

Een scanner kan niet beschouwd worden als een aan een lichamelijk handicap aangepast apparaat (zie RZA 1997, 44) zodat de bijbehorende software ook geen verstrekking is.

In de nieuwe functiegerichte omschrijving is bepaald dat sprake moet zijn van hulpmiddelen gerelateerd aan de stoornis in de visuele functie. Dit is bij een scanner niet het geval en daarmee valt het apparaat niet onder de te verzekeren prestatie.

Memorecorders

Een eenvoudige memorecorder heeft voor een visueel gehandicapte dezelfde functie als een kladblok voor mensen zonder een visuele handicap. Een meer geavanceerde memorecorder beschikt in tegenstelling tot een eenvoudige memorecorder over extra functionaliteiten naast de memorecorderfunctie. Daarbij kan worden gedacht aan: automatische nummer-, tijds- en datumregistratie, automatische adressen-, en telefoonregistratie, dagkalender- en tijdsaanduiding. Op gestructureerde wijze kunnen adres- en telefoon-bestanden, afspraken en notities worden opgeslagen en bewerkt. Een dergelijke geavanceerde memorecorder kan worden aangemerkt als een memorecorder in de zin van de Rzv en kan onder bepaalde omstandigheden tot de verzekerde prestatie worden gerekend.

Beeldschermloepen

De beeldschermloep is een opto-elektronisch leeshulpmiddel, waarbij het beeld van een opname met een camera elektronisch wordt bewerkt en weergegeven op een monitor. Een reeks innovatieve technieken en trends kunnen worden waargenomen. Om plaats te besparen is er een model verkrijgbaar waarbij de camera beweegt in plaats van het leesplateau. Bovendien kan deze beeldschermloep ook schrijfbewegingen volgen zodat hetgeen geschreven wordt steeds in beeld blijft. Daarnaast is er een beeldschermloep die kan worden aangesloten op elke willekeurige TV, zijn er apparaten met een losse camera en een los beeldscherm, en zijn steeds meer beeldschermen aan te sluiten op een PC.

Een verzekerde heeft recht op een beeldschermloep, indien lezen met een eenvoudiger hulpmiddel niet mogelijk is.

Tactiel-leesapparatuur

Een verzekerde heeft recht op een tactiel-leesapparaat met toebehoren. Tot de toebehoren van het tactiel-leesapparaat behoren onder meer: de oplaadapparatuur, een kleine lettercamera en snoertjes en accessoires die het mogelijk maken de apparatuur aan te sluiten op een schrijfmachine of beeldscherm. Of een bepaald toebehoren wordt verstrekt, hangt af van de werkzaamheden waarvoor de verzekerde het apparaat zal gebruiken.

Voorleesapparatuur voor gedrukte informatie

Een voorleesapparaat is geschikt voor blinden en zeer slechtzienden die geen geschreven tekst meer kunnen lezen. Er geldt alleen een vergoeding als de verzekerde niet te helpen is met een ander hulpmiddel dat informatie voor hen toegankelijk maakt, zoals een beeldschermloep, contrastverhogende apparatuur of optische hulpmiddelen.

Een verzekerde komt alleen voor een voorleesapparaat in aanmerking als de persoon behoort tot de groep van veelal oudere, blinde en slechtziende mensen voor wie een computer met scanner, tekstherkenning en spraaksoftware geen uitkomst biedt, omdat de persoon niet met deze apparatuur overweg kan. Vaak zal het voorleesapparaat worden ingezet om een beeldschermloep te vervangen op het moment dat deze door het achteruitgaan van het gezichtsvermogen niet meer bruikbaar is.

Software voor grootlettersystemen

Een verzekerden met een visuele handicap heeft recht op computerprogrammatuur voor grootlettersystemen.

ReadingPen

Een ReadingPen moet op de juiste plaats gepositioneerd kunnen worden. Voor de doelgroep visueel gehandicapten voor wie een voorleesapparaat tot de verzekerde prestatie behoort, zal de ReadingPen in het algemeen naar inhoud en omvang redelijkerwijs niet zijn aangewezen.

Hulpmiddelen ter compensatie van beperkingen in het om obstakels heenlopen of bij de oriëntatie

Bij deze categorie hulpmiddelen gaat het om hulpmiddelen voor de oriëntatie en/of het omzeilen van obstakels, waarmee de mensen met een visuele beperking in staat zijn de weg te verkennen en zich veilig, adequaat en zelfstandig te kunnen verplaatsen in het verkeer. Het gaat daarbij om hulpmiddelen zoals de blindentaststok en blindengeleidehond.

Blindentaststok

Een verzekerde kan naast de blindentaststok ook aanspraak maken op de reservetaststok of een specifieke stok voor kinderen, bijvoorbeeld een taststok die in lengte instelbaar is.

Blindengeleidehond

Een verzekerde is redelijkerwijs aangewezen op een blindengeleidehond, indien deze hond een substantiële bijdrage levert aan de mobiliteit of oriëntatie in het maatschappelijk verkeer van een verzekerde die blind is of dusdanig slechtziend dat hij hierop is aangewezen. Voor de gebruikskosten van de blindengeleidehond is een specifieke regeling getroffen in de Regeling zorgverzekering. Een verzekerde kan een tegemoetkoming krijgen in de redelijk te achten gebruikskosten van een geleidehond. Bij deze gebruikskosten gaat het om kosten voor het levensonderhoud en de medische en dagelijkse verzorging van de hond. De gebruikskosten van blindengeleidehonden vallen daarom onder het eigen risico.

Brillenglazen voor kinderen

Kinderen (jonger dan 18 jaar) kunnen brillenglazen of filterglazen voor een deel vergoed krijgen als ze aan bepaalde voorwaarden voldoen. Een kind komt alleen in aanmerking voor gedeeltelijke vergoeding van brillenglazen of filterglazen als:

  • de stoornis in de visuele functie het gevolg is van een medische aandoening of trauma, waarbij lenzen tot een grotere verbetering in de functies gezichtsscherpte of kwaliteit van de visus leiden dan brillenglazen, maar het dragen van lenzen niet de voorkeur heeft;
  • sprake is van pathologische myopie met een refractieafwijking van ten minste -6 dioptrieën, maar het dragen van lenzen niet de voorkeur heeft;
  • het kind aan één of beide ogen is geopereerd vanwege een lensafwijking, of
  • sprake is van zuivere accommodatieve esotropie.

Voor 2017 geldt een eigen bijdrage van € 56 per brillenglas, met een maximum van € 112 per kalenderjaar.

Brilmonturen komen niet voor vergoeding in aanmerking.