Verzekerden met een beperkt of zonder gezichtsvermogen kunnen, onder bepaalde voorwaarden, in aanmerking komen voor vergoeding van één of meerdere hulpmiddelen.

Hulpmiddelen ter verbetering van het gezichtsvermogen

Het gaat om hulpmiddelen die helpen het zicht te verbeteren. Deze hulpmiddelen kunnen globaal in 3 groepen worden verdeeld te weten:

  • lenzen
  • brillen
  • bijzondere optische hulpmiddelen

Lenzen bij medische indicatie (oorzaak)

Een verzekerde kan recht hebben op vergoeding van lenzen als sprake is van een medische indicatie voor het dragen van deze lenzen. Van een medische indicatie is sprake als met de lenzen een grotere verbetering van het gezichtsvermogen (visus) kan worden bereikt dan met brillenglazen. Veel voorkomende medische indicaties bij lenzen zijn:

  • een hoge refractieafwijking (> 10 dioptrieën);
  • grote verschillen (> 4 dioptrie) in sterkte tussen linker- en rechteroog (anisometropie);
  • keratoconus en hoornvliestransplantatie.

Ook kan het voorkomen dat een gekleurde of ingekleurde lens een belangrijke verbetering oplevert in vergelijking met filterglazen. Het gaat dan onder meer om:

  • oogaandoeningen als achromatopsie (waarbij je geen kleuren kunt zien),
  • albinisme, of
  • personen met irisaandoeningen (aniride of iriscoloboma).

Lenzen zonder medische indicatie komen niet in aanmerking voor vergoeding uit het basispakket.

Brillenglazen

Gewone brillen (brillenglazen en montuur) komen niet voor vergoeding uit het basispakket in aanmerking. Deze zijn voor eigen rekening van de verzekerde.

Hierop is een uitzondering: kinderen jonger dan 18 jaar kunnen brillenglazen of filterglazen voor een deel vergoed krijgen als ze aan bepaalde voorwaarden voldoen.

Een kind komt alleen in aanmerking voor gedeeltelijke vergoeding van brillenglazen of filterglazen als:

  • de stoornis in de visuele functie het gevolg is van een medische aandoening of trauma. En lenzen tot een grotere verbetering in de functies gezichtsscherpte of kwaliteit van de visus leiden dan brillenglazen, maar het dragen van lenzen niet de voorkeur heeft;
  • sprake is van pathologische myopie met een refractieafwijking van ten minste -6 dioptrieën, maar het dragen van lenzen niet de voorkeur heeft;
  • het kind aan een of beide ogen is geopereerd vanwege een lensafwijking, of
  • sprake is van zuivere accomodatieve esotropie.

Eigen bijdrage

Voor lenzen en brillenglazen geldt een eigen bijdrage.

  • Voor lenzen betaalt de verzekerde in 2018 een eigen bijdrage van € 57,50 per lens als sprake is van lenzen met een gebruiksduur langer dan een jaar.
  • Als sprake is van lenzen met een gebruiksduur korter dan een jaar betaalt de verzekerde een eigen bijdrage van € 115,-- per kalenderjaar. Als slechts één oog moet worden gecorrigeerd geldt een eigen bijdrage van € 57,50 per kalenderjaar.
  • Voor brillenglazen geldt in 2018 een eigen bijdrage van € 57,50 per brillenglas, met een maximum van € 115,-- per kalenderjaar. Brilmonturen zijn voor eigen rekening van de verzekerde.

Bijzondere optische hulpmiddelen

Een verzekerde kan in aanmerking komen voor vergoeding van een bijzonder optisch hulpmiddel als hij niet kan volstaan met een bril of lenzen. Voorbeelden van bijzondere optische hulpmiddelen zijn telescoopbrillen, verrekijkerloepen en loepen.

Ptosisbril of kappenbril

Als sprake is van functieverlies van het ooglid of van de traanklieren, kan een verzekerde in aanmerking komen voor vergoeding van een ptosisbril of kappenbril.

Afdekpleister

Als een verzekerde een lui oog (amblyopie) heeft, kan hij in aanmerking komen voor vergoeding van afdekpleisters ter behandeling van het luie oog.

Hulpmiddelen die helpen bij lezen, schrijven of het gebruik van telecommunicatieapparatuur

Het gaat om een groot aantal hulpmiddelen die blinden en slechtzienden gebruiken voor hun communicatie en informatievoorziening. Om in aanmerking te komen voor deze hulpmiddelen moet een relatie bestaan tussen het specifieke hulpmiddel en de visuele beperking. Deze relatie is bij een computer of mobiele telefoon (waaronder smartphone) niet aanwezig. Bij specifiek voor blinden en slechtzienden op de markt gebrachte hulpmiddelen die de computer of mobiele telefoon toegankelijk maken voor mensen met een visuele beperking kan deze relatie wel aanwezig zijn.

Geen verzekerde zorg

Eenvoudige hulpmiddelen voor lezen en schrijven worden niet vergoed uit het basispakket en komen voor eigen rekening van de verzekerde. Voorbeelden hiervan zijn:

  • reglette met prikpen,
  • braillelettertang of brailletang,
  • braillefolie, braillelabels en braillepapier,
  • handschriftgeleiders,
  • agenda’s en kalenders in grootletterschrift,
  • notitieblokken, toetsenbordstickers,
  • eenvoudige handloepen en standloepen, en
  • leeslinialen.

Ook grootletterboeken en luisterboeken komen voor eigen rekening van de verzekerde. Deze boeken kunnen zonder meerkosten geleend worden bij openbare en anderslezen bibliotheken.

Memorecorders

Een eenvoudige memorecorder heeft voor blinden en slechtzienden dezelfde functie als een kladblok voor mensen zonder een visuele beperking.
Een uitgebreide (geavanceerde) memorecorder heeft meer functies dan alleen de memorecorderfunctie. Bijvoorbeeld: automatische nummerregistratie, tijdsregistratie en datumregistratie, automatische adressenregistratie en telefoonregistratie en een dagkalender. Op een overzichtelijke manier kunnen adresbestanden en telefoonbestanden, afspraken en notities worden opgeslagen en bewerkt. Vergoeding van een uitgebreidere memorecorder is onder bepaalde omstandigheden mogelijk.

Beeldschermloep

Een verzekerde kan in aanmerking komen voor een beeldschermloep als lezen met een eenvoudiger hulpmiddel niet mogelijk is. De beeldschermloep is een opto-elektronisch leeshulpmiddel. Het beeld van een opname met een camera wordt elektronisch bewerkt en weergegeven op een monitor. Er zijn veel verschillende beeldschermloepen.

Tactiel-leesapparatuur

Een verzekerde kan in aanmerking komen voor een tactiel-leesapparaat met toebehoren. Bij de toebehoren kan gedacht worden aan: de oplaadapparatuur, een kleine lettercamera, snoertjes en accessoires die ervoor zorgen dat de tactiel-leesapparaat kan worden aangesloten op een schrijfmachine of beeldscherm. Of een verzekerde in aanmerking komt voor toebehoren, hangt af van de werkzaamheden waarvoor de verzekerde het apparaat zal gebruiken.

Voorleesapparatuur voor gedrukte informatie

Een voorleesapparaat is geschikt voor blinden en slechtzienden die geen geschreven tekst meer kunnen lezen. Er geldt alleen een vergoeding als de verzekerde niet te helpen is met een ander hulpmiddel dat informatie voor hem toegankelijk maakt. Voorbeelden van andere hulpmiddelen zijn: beeldschermloep, contrast verhogende apparatuur of optische hulpmiddelen.

Een verzekerde komt alleen voor een voorleesapparaat in aanmerking als de persoon niet overweg kan met een computer met scanner of tekstherkenning en spraaksoftware. Vaak zal het voorleesapparaat worden ingezet om een beeldschermloep te vervangen op het moment dat deze door het achteruitgaan van het gezichtsvermogen niet meer bruikbaar is.

Software voor grootlettersystemen

Een verzekerde met een visuele beperking kan in aanmerking komen voor een computerprogramma voor grootlettersystemen.

ReadingPen

Voor de doelgroep blinden en slechtzienden voor wie een voorleesapparaat beschikbaar is, zal de ReadingPen in het algemeen niet voor vergoeding in aanmerking komen.

Hulpmiddelen die helpen bij de oriëntatie of bij het om obstakels heenlopen

Het gaat hier om hulpmiddelen waarmee mensen met een beperkt gezichtsvermogen in staat zijn de weg te verkennen en zich veilig, adequaat en zelfstandig te verplaatsen in het verkeer. Het gaat daarbij om hulpmiddelen zoals de blindentaststok en blindengeleidehond.

Blindentaststok

Een verzekerde kan in aanmerking komen voor een taststok die voor hem bruikbaar is, bijvoorbeeld een taststok die in lengte instelbaar is.

Blindengeleidehond

Een verzekerde kan in aanmerking komen voor een blindengeleidehond, als deze hond een substantiële bijdrage levert aan de mobiliteit of oriëntatie in het maatschappelijk verkeer van een verzekerde die blind is of dusdanig slechtziend dat hij hierop is aangewezen.
Een verzekerde kan een tegemoetkoming krijgen in de redelijk te achten gebruikskosten van zijn geleidehond. Bij deze gebruikskosten gaat het om kosten voor het levensonderhoud en de medische en dagelijkse verzorging van de hond. De zorgverzekeraar stelt de omvang van de tegemoetkoming vast in de polis.

Eigen risico

De bovengenoemde hulpmiddelen en de gebruikskosten voor de geleidehond kunnen vallen onder het verplicht eigen risico.

Regelgeving