Zorginstituut Nederland bouwt mee aan de transformatie naar toekomstbestendige gezondheidszorg. Daarmee bedoelen we dat de zorg dusdanig verandert, dat ook in de toekomst zorg en ondersteuning voor iedereen in Nederland toegankelijk blijft. En dat de transformatie tot mensgerichte en duurzame hulp leidt. Dit betekent aandacht hebben voor iemands gezondheid en leefomgeving. Waarbij zorg en ondersteuning is vervlochten met het dagelijks leven: in de buurt, op school of op het werk, bij de sportclub en thuis.
Wat is transformeren naar passende zorg?
Transformeren betekent van gedaante verwisselen. Dit komt tot stand via een transitie, een proces van fundamentele veranderingen in de samenleving. De transitie begint bij tal van initiatieven die anders denken en anders gaan doen en organiseren. Zo’n beweging in de zorg ontwikkelt zich al in de praktijk.
Wat zijn transformatieve praktijken?
We zien dat het zorglandschap verandert. Op veel plekken in Nederland zijn mensen en organisaties bezig de zorg en ondersteuning in hun regio of buurt radicaal anders in te richten. Zulke regio’s of buurten noemen we transformatieve praktijken. Centraal in deze praktijken staat het leven en samenleven van mensen zelf. Zorg en hulp zijn aanvullend. De praktijken richten hun zorg en ondersteuning op wat mensen echt nodig hebben om hun leven zo goed mogelijk te kunnen leiden. En ze werken samen met iedereen die daarbij nodig is, binnen én buiten de zorg. Met als resultaat: meer passende zorg die mensgerichter en duurzamer is, met minder zorggebruik en meer werkplezier.
Leren van de praktijk voor opschalen en beleid
Het Zorginstituut wil de transformatieve beweging ondersteunen en verder brengen. Dat doen we door te leren van transformatieve praktijken. We maken met de praktijken inzichtelijk hoe transformeren werkt. Hierdoor kunnen andere praktijken ervan leren. Dat helpt om het transformeren op te schalen. Inzicht in hoe transformeren werkt, helpt ook het Zorginstituut en andere overheidspartijen. Het helpt in hoe we onze rol kunnen pakken in de beweging en vanuit de praktijk passend beleid kunnen ontwikkelen.
De ambitie bij deze werkwijze omschrijven wij als ‘leren transformeren’ en heeft de volgende 2 doelen:
- opschalen van het aantal transformatieve praktijken door te leren van voorlopers, en
- stimuleren en bespreekbaar maken dat andere overheidspartijen mee gaan transformeren.
Ondersteunen van leernetwerken
Het Zorginstituut werkt nu samen met landelijke netwerken die zich specialiseren op het leren en ontwikkelen in de beweging naar passende zorg. Deze leernetwerken hebben een infrastructuur van mensen, relaties, processen en technologie om regionale zorgnetwerken en buurten daarin te ondersteunen. Leernetwerken hebben het vermogen om de transitie te versnellen. In samenwerking met de leernetwerken verrijkt het Zorginstituut de infrastructuur met kennis, vaardigheden, mogelijkheden, tools en een leertraject om te leren transformeren. Of maken we inzichten uit de leernetwerken zichtbaar. We werken samen met de leernetwerken op verschillende onderwerpen.
Inzichten en handvatten
Hart- en vaatziekten
Op het onderwerp hart- en vaatziekten werken we samen met de volgende leernetwerken.
Het Kennisnetwerk CVA Nederland biedt kennis en kunde over de organisatie van zorg aan regionale zorgnetwerken voor mensen met een beroerte (CVA) of ander niet aangeboren hersenletsel (NAH). Het netwerk stimuleert en versterkt de afstemming, samenwerking en inhoud van het zorgcontinuüm binnen regionale samenwerkingsverbanden. Bij de aangesloten zorgnetwerken zijn verschillende instellingen in een regio betrokken. Het Kennisnetwerk VVA Nederland bestaat sinds 2006.
NVVC Connect is een netwerkorganisatie opgericht vanuit de Nederlandse Vereniging voor Cardiologie. Het richt zich op het samenwerken aan het voorkomen, verplaatsen en vervangen van zorg voor mensen met een hart- of vaatziekte, die anders zou plaatsvinden in het ziekenhuis. Nauwe samenwerkingspartners zijn huisartsenorganisaties NHG, HartVaatHAG, LHV en InEen. Daarnaast maken vele andere partijen deel uit van het netwerk, waaronder patiëntenorganisaties. Ruim 50 regio’s zijn aangesloten. NVVC Connect bestaat sinds 2011.
De vereniging Divosa biedt een netwerk voor directeuren en managers van Nederlandse gemeenten. Het legt zich toe op kennisontwikkeling en kennisuitwisseling over vraagstukken bij welzijn, werk en inkomen, bestaanszekerheid, wonen en jeugd. Vrijwel alle gemeenten zijn vertegenwoordigd. Divosa bestaat sinds 1934.
Eerste 1000 dagen na de geboorte
Op het onderwerp de eerste 1000 dagen na de geboorte werken we samen met de volgende leernetwerken.
De Federatie van VSV’s is de verbindende factor tussen de 68 VSV’s, waaronder 6 Integrale Geboortezorg Organisaties (IGO’s), die allemaal bezig zijn om zo goed mogelijk geboortezorg in hun regio te verzorgen. Zij behartigt de belangen en creëert een sterke positie voor de VSV’s. Het is belangrijk dat de randvoorwaarden voor de VSV’s optimaal zijn. Zo kunnen zij zich bezighouden met hun kerntaak: het leveren van goede geboortezorg. De regio-coördinatoren van de Federatie vormen een belangrijke verbindende schakel tussen de VSV’s in het land en de Federatie. Zij zijn het eerste aanspreekpunt voor VSV-besturen en coördinatoren binnen hun toegewezen regio’s en bieden ondersteuning bij de inhoudelijke, organisatorische én beleidsmatige vraagstukken waar VSV’s mee te maken krijgen. Elke regio-coördinator brengt eigen achtergrond, expertise en netwerk mee. Daarmee versterken zij niet alleen de VSV’s in hun eigen regio, maar ook elkaar in het landelijke team van regio-coördinatoren. Vanuit deze samenwerking signaleren zij wat er leeft in het veld, waar behoefte aan is, en hoe de Federatie daarop kan inspelen.
Het Netwerk Regionale Consortia Geboortezorg werkt samen voor de beste geboortezorg. De 8 regionale consortia zetten zich in voor betere geboortezorg in de regio’s in Nederland. Ze verbinden onderzoek met de praktijk. En ze bevorderen het ontwikkelen, delen en toepassen van nieuwe en bestaande kennis. Samen met alle partijen die bij de geboortezorg betrokken zijn. Ze verbinden alle partners en belanghebbenden in de geboortezorg. En ze verbinden onderzoek en de beroepspraktijk. Op lokaal, regionaal en landelijk niveau.
Kwetsbare ouderen
Op het onderwerp kwetsbare ouderen werken we samen met de onderstaande 4 leernetwerken. De lessen uit die samenwerking hebben we beschreven in een rapport.
Nederland Zorgt Voor Elkaar (NLZVE) is het landelijke netwerk van bewonersinitiatieven in welzijn, wonen en zorg. Het maakt zich sterk voor de positie van zorgzame gemeenschappen in de vele dorpen en steden. Het netwerk deelt kennis, ervaringen, knelpunten, oplossingen en onderzoek van en voor bewonersinitiatieven in welzijn, zorg en wonen. Daarnaast behartigt het netwerk de belangen van de aangesloten bewonersinitiatieven op landelijk niveau.
Het Onderste Boven is een beweging van ondernemende pioniers die aan de wieg stonden van vernieuwende gemeenschapsinitiatieven. Het netwerk versterkt burgerinitiatieven die oplossingen zoeken voor maatschappelijke vragen omdat de bestaande structuur niet werkt. Het netwerk bestaat sinds mei 2022.
Radicale vernieuwing is een netwerk dat werkt aan zorg en manieren van samenleven waarin mensen het belangrijkst zijn en niet de regels, protocollen of andere belangen. Het netwerk werkt in en vanuit de praktijk aan de zorg van morgen. Door de lokale gemeenschap te helpen met expertise over gezondheidszorg in meest brede zin, door lokale initiatieven te steunen of op te zetten met burgers, door samen met burgers te onderzoeken hoe zij hun eigen regie kunnen behouden en die waar mogelijk ook herstellen en vergroten.
Participatiecoalitie welzijn, zorg en hulp bestaat uit 5 landelijke organisaties die zich inzetten voor een zorgzame samenleving. Zij ondersteunen burgerinitiatieven en gemeenschappen die lokaal al verschil maken, maar meer ruimte en erkenning nodig hebben. De coalitie zoekt naar een nieuw evenwicht tussen de zorg, overheid, markt en gemeenschap. Het uitgangspunt is dat iedereen kan meedoen en zorg kan ontvangen én geven. Op een manier die past bij de mens achter de vraag. De coalitie streeft naar een zorgzame samenleving die uitgaat van gemeenschapskracht. Door doet de coalitie door lokale initiatieven te ondersteunen, inwoners te verbinden en de zeggenschap van inwoners te vergroten.
De praktijk leert en ontwikkelt verder
Het Zorginstituut geeft veldpartijen richting en handelingsperspectief mee om op landelijk niveau verder te bouwen:
- Vanuit routes die zich manifesteren in de praktijk, duidt het Zorginstituut de richting van de transformatieve beweging. Deze routes geven inhoudelijk, organisatorisch en bestuurlijk koers aan de beweging naar passende zorg.
- Vanuit inzichten in hoe het transformatieve praktijken lukt om anders te denken, doen en organiseren, geeft het Zorginstituut handelingsperspectief. De opgedane inzichten zijn samengebracht in een model van werkende mechanismes. Werkende mechanismes beschrijven hoe iets in werking treedt, hoe bepaalde factoren effect hebben op elkaar en hoe ze elkaar beïnvloeden. Ze wijzen op een proces van verandering. Hiermee geeft het model zicht op de veranderdynamiek in processen en interacties.
Ook de overheid transformeert mee
De transformatieve beweging naar passende zorg vraagt ook van overheidspartijen een andere insteek. Door samen te werken met de praktijk leren we als overheidspartijen hoe we mee kunnen transformeren. Dan gaan we barrières die transformatieve praktijken tegenkomen beter begrijpen. Leernetwerken willen deze barrières bekend maken bij overheidspartijen. Hiermee sporen zij de overheid aan om aan te sluiten op de transformatieve beweging in de praktijk. En daarbij samen op te trekken, te leren en ruimte te maken om toekomstbestendige gezondheidszorg te ontwikkelen.
Het Zorginstituut geeft aandachtspunten weer die leernetwerken vanuit hun transformatieve praktijken hebben aangegeven:
Landelijke akkoorden voor zorg, welzijn en ondersteuning
Met de geleerde inzichten, handvatten en aandachtspunten geven we richting, denk- en handelingsruimte voor het vinden van de eigen route in het anders denken, doen en organiseren en ondersteuning aan de transformatieve beweging naar passende zorg. Het raakt daarmee de doelen van het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) en het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg (HLO). Deze sturen op het oplossen van personeelstekorten en gelijkwaardige toegang van zorg. Bij deze doelen hebben landelijke partijen in de zorg, welzijn en ondersteuning mede aandacht om te sturen op kwaliteit van bestaan en meer samenwerking tussen zorg en sociaal domein.
Rol van het Zorginstituut in het zorgstelsel
Het Zorginstituut staat voor goede, toegankelijke en betaalbare zorg voor iedereen die dat nodig heeft, voor nu en de toekomst. Hierbij bevorderen we de beweging naar passende zorg door richting te geven, kaders te stellen, de minister te adviseren en ontwikkelingen in de zorg te begeleiden en monitoren. Op die manier willen we het zorgstelsel goed laten werken en de transitie ondersteunen. Dit doen we in gesprek en samenwerking met zorgpartijen en andere overheidspartijen.
Meer informatie of vragen?
Hebt u vragen over transformatieve praktijken? Mail uw vraag dan aan Madelon Rooseboom via ons contactformulier.