Zorginstituut Nederland beoordeelt of fluoridevernis of zilverdiamine fluoride effectieve zorg is voor patiënten met gaatjes in het melkgebit. Alleen als zorg écht werkt, kan die worden vergoed uit het basispakket van de zorgverzekering. Dat onderzoeken we in dit standpunt voor fluorideapplicaties bij gaatjes in het melkgebit.

Uitleg over fluorideapplicaties bij gaatjes in het melkgebit

Fluorideapplicatie is een vorm van zorg waarbij fluoride wordt aangebracht op blootliggend tandoppervlak. Fluoride is een stof die het tandglazuur versterkt en gaatjes voorkomt. Bij fluorideapplicatie wordt fluoride gebruikt in hogere concentraties dan in tandpasta om gaatjes te stoppen en te zorgen dat er niet meer nieuwe gaatjes komen. Het gaat om zorg voor kinderen bij wie het niet lukt om de gaatjes te stoppen met de gewone tandzorg.

Er zijn verschillende manieren om fluoride toe te passen bij kinderen met gaatjes in het melkgebit. Fluoridevernis wordt met een kwastje op de tanden aangebracht en blijft een tijdje zitten. Het kan helpen om nieuwe gaatjes te voorkomen en kleine gaatjes minder actief maken. Een andere manier is zilverdiamine fluoride (SDF). Dit is een vloeistof die gaatjes stopt door de tand harder te maken en bacteriën te remmen. Het kan de gaatjes donker kleuren, maar voorkomt mogelijk dat ze groter worden.

Onderzoeksvraag en manier van onderzoek

Uitgangspunt bij dit standpunt is de vraag: werken fluoridevernis en SDF bij kinderen met actieve gaatjes en bij wie het niet lukt om de gaatjes te stoppen met de standaard mondzorg? 

Om deze vraag te beantwoorden doet het Zorginstituut een uitgebreid literatuuronderzoek volgens een vastgestelde methode. We selecteren hiervoor wetenschappelijke publicaties en onderzoeksrapporten van experts in het vakgebied.

Gevolgde procedure

Alleen zorg die écht werkt, mag deel uitmaken van het basispakket van de zorgverzekering. Dit is vastgelegd met de juridische term 'stand van de wetenschap en praktijk'. Vaak is goed duidelijk of zorg uit het basispakket kan worden vergoed, maar niet altijd. In zulke gevallen kan het Zorginstituut zelf beoordelen of die zorg in aanmerking komt voor vergoeding. Zo'n beoordeling noemen we een duiding. De uitkomst van een duiding heet een standpunt.

Een standpunt van het Zorginstituut is wettelijk bepalend. Dit betekent dat de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) hier verder niet meer over beslist. Patiënten, zorgverleners en zorgverzekeraars hebben inspraak tijdens het opstellen van een standpunt. En bij standpunten krijgt het Zorginstituut advies van de Wetenschappelijke Adviesraad (WAR). Hierin zitten onafhankelijke wetenschappers, artsen, apothekers, methodologen en gezondheidseconomen. Het Zorginstituut weegt al die reacties zorgvuldig mee en stelt het uiteindelijke standpunt vast. 

Lees meer informatie over de procedure bij een standpunt op de pagina 'Verduidelijking van het basispakket - standpunten'.

Meer informatie of vragen?

Hebt u vragen over dit standpunt? Mail uw vraag dan naar Ferdinand Bastiaens via ons contactformulier

Planning

Planning tot aan publicatie standpunt
Stap in het procesDatum
Start dossierjanuari 2026
Eerste bespreking in de Wetenschappelijke Adviesraad (WAR)22 juni 2026
Start externe consultatie conceptstandpunt6 juli 2026
Besluit Raad van Bestuuroktober 2026
Publicatie standpuntoktober 2026

Betrokken partijen

  • Ivoren Kruis
  • Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot Bevordering der Tandheelkunde (KNMT)
  • Nederlandse Vereniging voor Kindertandheelkunde (NVVK)
  • Patiëntenfederatie Nederland (PN)
  • Zorgverzekeraars Nederland (ZN)