Zorginstituut Nederland beoordeelt of ciltacabtagene autoleucel (cilta-cel; Carvykti®) vergoed kan worden. Dit medicijn kan worden gebruikt voor bepaalde patiënten met multipel myeloom die ten minste 1 eerdere behandeling hebben gehad. Cilta-cel is een sluisgeneesmiddel. Vanwege de te verwachten hoge kosten heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) het medicijn voor gebruik bij genoemde patiënten in de ‘sluis voor dure geneesmiddelen’ geplaatst.
Cilta-cel is bedoeld voor bepaalde mensen met multipel myeloom
Cilta-cel is een CAR-T-behandeling. Een CAR-T-behandeling verschilt van gebruikelijke behandelingen voor multipel myeloom. Tijdens een CAR-T-behandeling worden lichaamseigen immuuncellen van een patiënt zo geprogrammeerd, dat deze zich keren tegen de tumorcellen. Deze CAR-T-behandeling, cilta-cel, heeft als merknaam Carvykti®. Het medicijn is een eenmalige gentherapie.
Het medicijn kan worden gebruikt bij mensen met multipel myeloom. Bij multipel myeloom is sprake van een ongecontroleerde deling van kwaadaardige plasmacellen in het beenmerg. Plasmacellen zijn witte bloedcellen die antistoffen maken. Beenmerg is weefsel in de botten. Multipel myeloom wordt ook wel ‘de ziekte van Kahler’ genoemd.
Het Zorginstituut heeft eerder een advies uitgebracht over de vergoeding voor volwassen patiënten met gerecidiveerd en refractair multipel die ten minste 3 eerdere behandelingen hebben ondergaan. Cilta-cel kan dus ingezet worden vanaf de vierde behandellijn.
Deze beoordeling gaat specifiek om volwassen patiënten met gerecidiveerd en refractair multipel myeloom die ten minste 1 eerdere behandeling hebben ondergaan. Cilta-cel kan hierbij dus al worden ingezet vanaf de tweede behandellijn.
Meer informatie voor professionals (Farmacotherapeutisch Kompas)
Uitleg over sluisgeneesmiddelen
De minister heeft cilta-cel voor inzet bij bepaalde patiënten met multipel myeloom in de 'sluis voor dure geneesmiddelen' geplaatst. Geneesmiddelen die in het ziekenhuis worden gebruikt, noemen we intramurale geneesmiddelen. Nieuwe intramurale geneesmiddelen worden meestal zonder bijzondere afspraken over de prijs of het gebruik toegelaten tot het basispakket van de zorgverzekering. Als nieuwe middelen veel kosten, dan kan de minister van VWS besluiten om deze tijdelijk uit het basispakket te houden en in de ‘sluis voor dure geneesmiddelen’ plaatsen. Dit betekent dat het middel pas voor vergoeding uit het basispakket in aanmerking komt, als:
- het Zorginstituut een positief pakketadvies heeft uitgebracht;
- er afspraken zijn gemaakt voor gepast gebruik;
- de minister een prijsonderhandeling heeft uitgevoerd.
Kijk voor meer uitleg op de pagina ‘Sluis voor dure geneesmiddelen’.
Hoe ontstaat het advies?
De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) vraagt het Zorginstituut een beoordeling te doen. De Wetenschappelijke Adviesraad (WAR) en de Adviescommissie Pakket (ACP) adviseren het Zorginstituut bij de beoordeling. De minister neemt de uiteindelijke beslissing om het medicijn wel of niet te vergoeden uit het basispakket van de zorgverzekering.
Bekijk het filmpje voor meer uitleg over hoe wij de beoordeling van geneesmiddelen aanpakken.

[Zorginstituut Nederland]
Iedereen in Nederland betaalt mee aan de gezondheidszorg. Zorginstituut Nederland waakt erover dat die zorg goed én betaalbaar blijft.
Komt er bijvoorbeeld een nieuw medicijn op de markt, dan beoordelen wij of het vergoed moet worden uit het basispakket. We geven daarover advies aan de minister voor Medische Zorg.
Die beoordeling gaat zo:
Als een medicijn is goedgekeurd kan de fabrikant een aanvraag bij ons doen voor toelating tot het basispakket. Zodra we alle informatie en wetenschappelijke onderzoeken hebben ontvangen, gaan we aan de slag.
We beantwoorden vragen als:
- Hoe ernstig is de ziekte?
- Hoe goed werkt het medicijn?
- Bij welke groep patiënten?
- En, wat kost het ten opzichte van wat het oplevert voor de patiënt?
Als er al een medicijn voor de ziekte is, dan vergelijken we ze met elkaar.
Soms blijkt tijdens de beoordeling dat er onzekerheid is over hoe lang de ziekte wegblijft. Of dat het niet bij alle patiënten lijkt te werken. We adviseren dan over wie het medicijn moet krijgen.
Soms is het medicijn heel duur. Vergoeding hiervan kan dan ten koste gaan van zorg voor andere patiënten. We adviseren dan om over de prijs te onderhandelen.
Bij de beoordeling betrekken we patiëntenorganisaties, dokters en zorgverzekeraars. En we krijgen advies van twee onafhankelijke commissies:
de Wetenschappelijke Adviesraad en de Adviescommissie Pakket.
We wegen alle feiten en onzekerheden tegen elkaar af in ons advies. De minister besluit uiteindelijk of het medicijn vergoed wordt uit het basispakket.
Zo besteden we het geld voor de zorg, waar iedereen aan meebetaalt, aan goede medicijnen die het geld waard zijn.
[Van goede zorg verzekerd]
[Niet meer dan nodig, niet minder dan noodzakelijk]
[www.zorginstituutnederland.nl]
Meer informatie of vragen?
Hebt u vragen over dit advies? Mail uw vraag dan naar het Zorginstituut via warcg@zinl.nl.
Planning
| Stap in het proces | Datum |
|---|---|
| Aanlevering dossier compleet | augustus 2026 |
| Eerste bespreking in de Wetenschappelijke Adviesraad (WAR) | 16 november 2026 |
| Start technische consultatie | 17 tot 20 november 2026 |
| Tweede bespreking in de Wetenschappelijke Adviesraad (WAR) | 14 december 2026 |
| Bespreking in de Adviescommissie Pakket (ACP) | nog niet bekend |
| Publicatie advies | december 2026 - januari 2027 |
Betrokken partijen
- Janssen-Cilag B.V.
- Stichting Hematon en Nederlandse Federatie Kankerpatiënten (NFK)
- Stichting Hemato-Oncologie voor Volwassenen Nederland (HOVON)
- Commissie Beoordeling Add-on Geneesmiddelen (CieBAG) van Zorgverzekeraars Nederland (ZN)