Zorginstituut Nederland evalueert de toepassing van de adviezen over oefentherapie uit 2024. Deze adviezen gaan over oefentherapie bij COPD, reumatoïde artritis (RA) en axiale spondylo-artritis (AxSpA). We kijken of oefentherapie op een passende manier georganiseerd en ingezet wordt, volgens de afspraken in de adviezen.
Advies oefentherapie bij COPD
COPD is een chronische longaandoening. De ernst van de aandoening varieert per persoon en kan in de loop van de tijd erger worden. Op 22 maart 2024 adviseerde het Zorginstituut om het maximumaantal behandelingen gesuperviseerde oefentherapie voor patiënten met COPD los te laten. De minister nam het advies over. Sinds 1 januari 2025 krijgen mensen met COPD vanaf GOLD stadium II alle oefentherapiesessies vergoed. Vóór 1 januari 2025 is de vergoeding van gesuperviseerde oefentherapie bij COPD 2 keer gewijzigd. Dit staat in het uitklapmenu.
De onderzoekswerkplaats ‘Routine zorgdata voor passende zorg’ evalueerde met behulp van data van de Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn het effect van de eerste 2 adviezen op de zorg. De bevindingen van deze studie zijn opgeschreven in een wetenschappelijk artikel en worden later dit jaar gepubliceerd. De huidige evaluatie beperkt zich daarom tot de wijziging van 1 januari 2025, waarbij er geen maximale vergoeding van gesuperviseerde oefentherapie meer is.
Adviezen oefentherapie bij RA en AxSpA
Reumatoïde artritis (RA) is een chronische aandoening die ontstekingen aan de gewrichten veroorzaakt. Maar ook organen kunnen door RA ontstoken raken, zoals de longen. Axiale spondyloartritis (AxSpA) is een chronische reumatische aandoening. Het veroorzaakt ontstekingen en klachten aan de wervelkolom en het bekken. Mensen met RA en AxSpA die veel klachten hebben, kunnen minder goed functioneren. Als zij geen hulp krijgen, hebben ze daar veel last van in het dagelijks leven. Bij mensen met RA wordt oefentherapie vanaf 1 januari 2025 vergoed uit het basispakket en bij mensen met AxSpA vanaf 1 januari 2026. Meer informatie hierover staat in het uitklapmenu.
Evaluatievragen en voortgang
We onderzoeken wat de gevolgen van de adviezen zijn op het aantal oefentherapiesessies dat wordt vergoed uit het basispakket. En we onderzoeken in hoeverre dit afwijkt van de raming uit de adviezen. Daarnaast onderzoeken we of de activiteiten om passende zorg te bevorderen door de betrokken partijen zijn opgepakt. Hiervoor hebben we 3 evaluatievragen opgesteld over oefentherapie bij COPD en 10 evaluatievragen over oefentherapie bij RA en AxSpA. De evaluatievragen en de voortgang beschrijven we in de tabellen.
| Nummer | Evaluatievraag | Eerste voortgangsmeting |
|---|---|---|
| 1 | Wat is het gemiddeld aantal oefentherapiesessies per persoon per jaar dat uit het basispakket wordt vergoed bij de diagnose COPD? Wat is het verschil in het gemiddeld aantal behandelingen tussen het eerste jaar van gebruik en de jaren daarna? Wat is de verandering ten opzichte van de jaren ervoor? Hoe verhoudt zich dat tot de schatting uit de adviezen? | Antwoord volgt bij kwantitatieve meting in 2026 |
| 2 | Hoeveel procent van de personen met COPD die in 2025 voor de eerste keer oefentherapie vanuit de basisverzekering vergoed krijgen, krijgt 70 of meer sessies per jaar? Is dat percentage hoger of lager dan in 2023 en 2024? Wat is het gemiddelde aantal sessies in 2025 bij deze personen? | Antwoord volgt bij kwantitatieve meting in 2026 |
| 3 | Hoeveel procent van de personen met COPD die in 2025 niet in het eerste jaar van behandeling oefentherapie uit het basispakket vergoed krijgen, krijgt 52 of meer sessies per jaar? Is dit percentage hoger of lager dan het percentage in 2023 en 2024? Wat is het gemiddelde aantal sessies in 2025 bij deze personen? | Antwoord volgt bij kwantitatieve meting in 2026 |
| Nummer | Evaluatievraag | Eerste voortgangsmeting |
|---|---|---|
| 1 | Wat is de stand van zaken rondom de ontwikkeling van een gezamenlijke visie op gepast gebruik van fysio- en oefentherapie voor mensen met RA en de verkenning van de kansen en belemmeringen op gepast gebruik? Wat zijn de resultaten van de Verspreidings- en Implementatie Impuls (VIMP) die door ZonMw is gehonoreerd? | Antwoord volgt bij de kwantitatieve meting in 2026 |
| 2 | Wat is de stand van zaken met betrekking tot het opnemen van oefentherapie in de bestaande richtlijn? Is de indicatiestelling hierin aangescherpt? En heeft hierin in een herziening plaatsgevonden van het behandelprotocol met start- en stopcriteria? | Antwoord volgt bij kwantitatieve meting in 2026 |
| 3 | Is de trainingsmodule voor fysio- en oefentherapeuten aangepast, zodat deze toepasbaar is buiten de Voorwaardelijke Toelating (VT)-studie? Zo nee, wat is de stand van zaken van het doorvoeren van de aanpassingen en welke knelpunten worden hierbij ervaren? | Antwoord volgt bij kwantitatieve meting in 2026 |
| 4 | Is door de beroepsgroep en de patiëntenvereniging zichtbaar gemaakt welke fysio- en oefentherapeuten de scholing hebben gevolgd? Zo nee, wat is de stand van zaken hiervan en welke knelpunten worden hierbij ervaren? |
Antwoord volgt bij kwantitatieve meting in 2026 |
| 5 | In hoeverre kopen zorgverzekeraars de zorg in bij fysio- en oefentherapeuten die de scholing hebben gevolgd? Zijn er bij zorgverzekeraars signalen dat dit niet goed gaat? | Antwoord volgt bij de kwantitatieve meting in 2026 |
| 6 | In hoeverre voldoen patiënten aan de indicatiestelling uit het pakketadvies? Zijn er signalen dat patiënten die niet voldoen aan de indicatiecriteria oefentherapie vergoed krijgen? Hoe houden zorgverzekeraars rekening met de juiste indicatiestelling bij de vergoeding van oefentherapie? | Antwoord volgt bij de kwantitatieve meting in 2026 |
| 7 | Wat is de stand van zaken van de ontwikkeling van informatie over de interventie en de scholing? Hoe worden patiënten en zorgverleners geïnformeerd? | Antwoord volgt bij de kwantitatieve meting in 2026 |
| 8 | Hoeveel mensen met RA maken jaarlijks gebruik van oefentherapie bij een oefentherapeut of fysiotherapeut die wordt vergoed uit het basispakket na uitbrengen van de adviezen? Hoe verhoudt zich dat tot de schatting in de adviezen? | Antwoord volgt bij de kwantitatieve meting in 2026 |
| 9 | Wat is het gemiddeld aantal oefentherapiesessies per persoon per jaar dat wordt vergoed uit het basispakket bij de diagnose RA? Wat is het verschil in het aantal behandelingen tussen het eerste jaar van gebruik en de jaren daarna? Hoe verhoudt zich dat tot de schatting uit de adviezen? | Antwoord volgt bij de kwantitatieve meting in 2026 |
| 10 | Welk percentage van de personen met oefentherapie voor RA maakte in de jaren voorafgaand aan de aanspraakwijziging gebruik van oefentherapie vanuit de aanvullende verzekering of de VT-regeling? | Antwoord volgt bij de kwantitatieve meting in 2026 |
| Nummer | Evaluatievraag | Eerste voortgangsmeting |
|---|---|---|
| 1 | Wat is de stand van zaken rondom de ontwikkeling van een gezamenlijke visie op gepast gebruik van fysio- en oefentherapie voor mensen met AxSpA en de verkenning van de kansen en belemmeringen op gepast gebruik? Wat zijn de resultaten van de Verspreidings- en Implementatie Impuls (VIMP) die door is ZonMw gehonoreerd? | Antwoord volgt bij de kwalitatieve meting in 2026 of 2027 |
| 2 | Wat is de stand van zaken met betrekking tot het opnemen van oefentherapie in de bestaande richtlijn? Is de indicatiestelling hierin aangescherpt? En heeft hierin in een herziening plaatsgevonden van het behandelprotocol met start- en stopcriteria? | Antwoord volgt bij de kwalitatieve meting in 2026 of 2027 |
| 3 | Is de trainingsmodule voor fysio- en oefentherapeuten aangepast, zodat deze toepasbaar is buiten de VT-studie? Zo nee, wat is de stand van zaken van het doorvoeren van de aanpassingen en welke knelpunten worden hierbij ervaren? | Antwoord volgt bij de kwalitatieve meting in 2026 of 2027 |
| 4 | Is door de beroepsgroep en de patiëntenvereniging zichtbaar gemaakt welke fysio- en oefentherapeuten de scholing hebben gevolgd? Zo nee, wat is de stand van zaken hiervan en welke knelpunten worden hierbij ervaren? | Antwoord volgt bij de kwalitatieve meting in 2026 of 2027 |
| 5 | In hoeverre kopen zorgverzekeraars de zorg in bij fysio- en oefentherapeuten die de scholing hebben gevolgd? Zijn er bij zorgverzekeraars signalen dat dit niet goed gaat? | Antwoord volgt bij de kwalitatieve meting in 2026 of 2027 |
| 6 | In hoeverre voldoen patiënten aan de indicatiestelling uit de pakketadviezen? Zijn er signalen dat patiënten die niet voldoen aan de indicatiecriteria oefentherapie vergoed krijgen? En hoe houden zorgverzekeraars rekening met de juiste indicatiestelling bij de vergoeding van oefentherapie? | Antwoord volgt bij de kwalitatieve meting in 2026 of 2027 |
| 7 | Wat is de stand van zaken van de ontwikkeling van informatie over de interventie en de scholing? Hoe worden patiënten en zorgverleners geïnformeerd? | Antwoord volgt bij de kwalitatieve meting in 2026 of 2027 |
| 8 | Hoeveel mensen met AxSpA maken jaarlijks gebruik van oefentherapie bij een oefentherapeut of fysiotherapeut die uit het basispakket wordt vergoed na uitbrengen van de adviezen? Hoe verhoudt zich dat tot de schatting in de adviezen? | Antwoord volgt bij de kwantitatieve meting in 2027 |
| 9 | Wat is het gemiddeld aantal oefentherapiesessies per persoon per jaar dat uit het basispakket wordt vergoed bij de diagnose AxSpA? Wat is het verschil in het aantal behandelingen tussen het eerste jaar van gebruik en de jaren daarna? Hoe verhoudt zich dat tot de schatting uit de adviezen? | Antwoord volgt bij de kwantitatieve meting in 2027 |
| 10 | Welk percentage van de personen met oefentherapie voor AxSpA maakte in de jaren voorafgaand aan de aanspraakwijziging gebruik van oefentherapie vanuit de aanvullende verzekering of de VT-regeling? | Antwoord volgt bij de kwantitatieve meting in 2027 |
Planning van de evaluatie
In 2026 voeren we een kwalitatieve meting uit over de adviezen over oefentherapie bij RA en AxSpA. Hiervoor nemen we contact op met de betrokken beroepsgroepen, patiëntenverenigingen en zorgverzekeraars. Als dat nodig is, voeren we in 2027 nog een kwalitatieve meting uit.
Daarnaast voeren we in 2026 een kwantitatieve meting uit, waarin we de toepassing van oefentherapie bij COPD en RA in de praktijk met declaratiedata onderzoeken. Tussen 2027 en 2030 herhalen we de kwantitatieve meting jaarlijks voor zowel RA en AxSpA. Als blijkt dat evaluatie geen meerwaarde meer heeft, kunnen we besluiten de evaluatie eerder af te sluiten.
We publiceren de resultaten van de evaluatie op deze webpagina. Na de laatste evaluatie organiseren we een bijeenkomst met de betrokken partijen en publiceren we een beknopt evaluatierapport. Daarmee sluiten we de evaluatie af.
Betrokken partijen
- Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF)
- Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG)
- Nederlandse Health Professionals in de Reumatologie (NHPR)
- Nederlandse Vereniging voor Reumatologie (NVR)
- Nationale Vereniging ReumaZorg Nederland (RZN)
- Nederlandse Vereniging van Revalidatieartsen (VRA)
- Patiëntenfederatie Nederland
- ReumaNederland
- Stichting Keurmerk Fysiotherapie (SKF)
- Vereniging van Oefentherapeuten Cesar en Mensendieck (VvOCM)
- Zorgverzekeraars Nederland (ZN)
Voor informatie
Hebt u vragen over deze evaluatie? Mail uw vraag dan via ons contactformulier.