Duiding coördinatie-activiteiten ketenveldnorm levensloopfunctie en beveiligde intensieve zorg

In deze duiding geeft Zorginstituut Nederland antwoord op de vraag wanneer coördinatie-activiteiten in het kader van de ketenveldnorm levensloopfunctie en beveiligde intensieve zorg onder de Zorgverzekeringswet (Zvw) vallen.

Ketenveldnorm levensloopfunctie en beveiligde intensieve zorg

Het doel van de ‘Ketenveldnorm levensloopfunctie en beveiligde intensieve zorg’ is 
om regionaal een geïntegreerd en domeinoverstijgend zorgaanbod te organiseren en te leveren voor personen van 18 jaar en ouder, die potentieel gevaarlijk gedrag vertonen als gevolg van een psychische aandoening, een verstandelijke beperking, een verslaving of hersenletsel. De zorg voor deze cliënten beslaat vaak het sociaal domein, het zorgdomein, het forensisch domein en het veiligheidsdomein. Deze zorg is zo complex dat een goede samenwerking tussen de verschillende domeinen vereist is. Een gebrekkige samenwerking tussen de hulpverleners die betrokken zijn bij de zorg aan een cliënt, kan leiden tot versnippering en gebrek aan eenduidigheid in het zorgaanbod. Terwijl deze complexe groep cliënten juist gebaat is bij een geïntegreerd zorgaanbod en een vast aanspreekpunt. Zo'n geïntegreerd zorgaanbod vereist vaak extra coördinatie.

Duurzame financiering ontbreekt

De kosten voor deze coördinatie-activiteiten moeten worden opgevangen binnen de huidige financieringsstromen. Voordat een reguliere bekostiging gerealiseerd kan worden, moet duidelijk zijn onder welk wettelijk kader de kosten voor de coördinatie-activiteiten vallen, gedurende de verschillende levensfasen waarin de persoon zich bevindt. Die mogelijke wettelijke kaders zijn de Zvw, de Wet forensische zorg (Wfz), de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) of de Wet langsurige zorg (Wlz).

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en de Nederlandse ggz hebben het Zorginstituut dan ook gevraagd de cliëntgebonden en de niet-cliëntgebonden coördinatie-activiteiten te duiden.

Duiding coördinatie-activiteiten ketenveldnorm levensloopfunctie 

Het Zorginstituut stelt dat cliëntgebonden en niet-cliëntgebonden coördinatie-activiteiten ten laste van de Zvw komen voor cliënten wiens primaire zorgvraag geneeskundig van aard is, en die vanwege de complexe situatie bovendien zijn aangewezen op casemanagement. Ook hebben wij voor de verschillende levensfasen geduid wanneer de cliëntgebonden coördinatie-activiteiten ten laste van de Zvw kunnen komen, en wanneer ten laste van een ander wettelijk kader.

Aanbevelingen voor het vervolg

Tot slot adviseren wij de partijen om de coördinatie-activiteiten van de ketenveldnorm levensloopfunctie te financieren uit 1 financieringsbron, afkomstig uit de wettelijke kaders waaruit de geïncludeerde cliënten zorg of ondersteuning ontvangen. Daarmee kan men passende bekostiging realiseren en administratieve lasten beperken.