Zygoma-implantaten zijn implantaten in het jukbeen. Dit is een behandeling voor patiënten met een extreem geslonken tandeloze bovenkaak. Het implantaat wordt gebruikt om de gebitsprothese aan te bevestigen. De conclusie van Zorginstituut Nederland is dat dit effectieve zorg is voor patiënten. Daarmee kunnen zygoma-implantaten worden vergoed uit het basispakket van de zorgverzekering. De vergoeding geldt vanaf 14 april 2026.
Aanleiding voor standpunt over zygoma-implantaten
Mensen met ontbrekende tanden kunnen last hebben met eten en spreken. Het kan ook hun uiterlijk beïnvloeden. Normaal gesproken krijgen deze mensen losse gebitsprothesen. Bijvoorbeeld een kunstgebit of bruggen tussen de andere tanden. Tandheelkundige implantaten zijn een andere manier om ontbrekende tanden te vervangen. De implantaten zien eruit als schroeven. Ze zijn gemaakt van materialen zoals titanium. Ze kunnen vastgroeien in het bot waarin de behandelaar ze plaatst. Daardoor ontstaat een stabiele basis om kunsttanden of een kunstgebit aan vast te maken. Maar er moet nog wel voldoende bot zijn om de implantaten succesvol te kunnen plaatsen.
Het kaakbot kan sterk slinken bij mensen die geen tanden meer hebben in de bovenkaak. Dit heet een atrofische edentate bovenkaak. Edentaat betekent dat een patiënt geen tanden meer heeft. Bij sommige mensen is de bovenkaak zelfs extreem geslonken. Zij hebben nauwelijks nog bot waarin de tanden eerst vastzaten. Dat komt door botatrofie, het proces waardoor botweefsel afbreekt. Hierdoor is het niet meer mogelijk om implantaten te plaatsen op de traditionele manier. Zygoma-implantaten kunnen dan een uitkomst zijn. Dit zijn implantaten in het jukbeen. Het gebruik van zygoma-implantaten kan de levenskwaliteit van patiënten verbeteren. Het kan hen helpen om weer normaal te eten, spreken en lachen. Dat draagt bij aan het welzijn van mensen, geestelijk en sociaal.
Samenvatting van het standpunt
We hebben de effectiviteit van zygoma-implantaten beoordeeld. Dit deden we op basis van bestaande onderzoeken. Effectiviteit betekent dat zygoma-implantaten leiden tot een hoge kans op succes van functionerende implantaten en prothesen. En tot een hogere kwaliteit van leven voor patiënten.
De beoordeling is voornamelijk gebaseerd op 7 studies waarin zygoma-implantaten voor minstens 1 jaar zijn onderzocht. De onderzoeksresultaten laten zien dat zygoma-implantaten leiden tot een hoge kans op succes van functionerende implantaten en prothesen. Maar er is beperkt bewijs dat zygoma-implantaten leiden tot een betere kwaliteit van leven bij deze patiënten. Tot slot zijn er nauwelijks tot geen complicaties gerapporteerd. Daarom is onze conclusie dat zygoma-implantaten tot het basispakket behoren als aan 2 voorwaarden wordt voldaan:
- het gaat om patiënten met een extreem atrofische edentate bovenkaak bij wie geen andere behandeling mogelijk is
- het doel van het plaatsen van zygoma-implantaten is dat er een uitneembare prothese in de mond wordt bevestigd.
De vergoeding gaat in op 14 april 2026.
Waarborgendocument: afspraken voor passende zorg
Het Zorginstituut heeft gevraagd om afspraken over de kwaliteit van zorg op te nemen in het standpunt. De betrokken beroepsgroepen, patiëntenverenigingen en zorgverzekeraars stellen die afspraken op. Dit zijn afspraken over:
- De inhoud van de zorg rondom zygoma-implantaten. Bijvoorbeeld eenduidige indicatiecriteria opstellen en informatie ontwikkelen voor samen beslissen.
- Ontwikkelen van richtlijnen voor de organisatie van de zorg. Bijvoorbeeld kwaliteitscriteria opstellen voor behandelaren en zorginstellingen, ontwikkelen van een scholingsprogramma en een norm invoeren voor het minimum aantal behandelingen.
Gevolgde procedure
Alleen zorg die écht werkt, mag deel uitmaken van het basispakket van de zorgverzekering. Dit is vastgelegd met de juridische term 'stand van de wetenschap en praktijk'. Vaak is goed duidelijk of zorg uit het basispakket kan worden vergoed, maar niet altijd. In zulke gevallen kan het Zorginstituut zelf beoordelen of die zorg in aanmerking komt voor vergoeding. Zo'n beoordeling noemen we een duiding. De uitkomst van een duiding heet een standpunt.
Een standpunt van het Zorginstituut geeft direct duidelijkheid. De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport beslist hier verder niet meer over. Patiënten, zorgverleners en zorgverzekeraars hebben inspraak tijdens het opstellen van een standpunt. En bij standpunten krijgt het Zorginstituut advies van de Wetenschappelijke Adviesraad (WAR). Hierin zitten onafhankelijke wetenschappers, artsen, apothekers, methodologen en gezondheidseconomen. Het Zorginstituut weegt al die reacties zorgvuldig mee en stelt het uiteindelijke standpunt vast.
Lees meer informatie over de procedure bij een standpunt op de pagina 'Verduidelijking van het basispakket - standpunten'.
Meer informatie of vragen?
Hebt u vragen over dit standpunt? Dan kunt u deze per e-mail stellen aan Ferdinand Bastiaens via ons contactformulier.