Zorginstituut Nederland beoordeelt of bepaalde geneesmiddelen bij allergie vergoed kunnen blijven uit het basispakket van de zorgverzekering. Denk aan geneesmiddelen bij neusklachten, oogklachten, jeuk en netelroos door allergie. Het advies van het Zorginstituut gaat over allergiemiddelen die zonder recept kunnen worden gekocht bij de drogist of apotheek en nu zijn opgenomen in het Geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS). Als wij positief adviseren en de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) ons advies overneemt, worden deze geneesmiddelen nog steeds vergoed. Als wij negatief adviseren en de minister ons advies overneemt, worden deze middelen verwijderd uit het GVS. Deze geneesmiddelen worden dan niet meer vergoed.
Allergiemiddelen worden gebruikt bij verschillende aandoeningen
Allergiemiddelen kunnen klachten van een allergische reactie verminderen. Denk aan middelen tegen hooikoorts, die klachten na aanraking met stuifmeel kunnen verminderen.
Allergiemiddelen worden gebruikt bij verschillende aandoeningen, zoals allergische rinitis, allergische conjunctivitis, jeuk en urticaria. Allergische rinitis is een ontsteking van het neusslijmvlies door het inademen van allergenen zoals boompollen. Bij conjunctivitis is het oog aangedaan en raakt het bind- of slijmvlies van het oog ontstoken. Allergische reacties kunnen zich ook uiten in jeuk of netelroos. Netelroos wordt ook urticaria of galbulten genoemd.
De geneesmiddelen bij allergie behoren tot de geneesmiddelengroep antihistaminica en cromonen. Deze middelen zijn er als tabletten, capsules, drank, neusspray en druppels.
In dit advies bekijken we geneesmiddelen die opgenomen zijn in het GVS en worden vergoed uit het basispakket.
Bij deze beoordeling bespreken we de volgende 18 stoffen:
- acrivastine
- azelastine
- cetirizine
- clemastine
- cromoglicinezuur
- desloratadine
- ebastine
- emedastine
- fexofenadine
- hydroxyzine
- ketotifen
- levocabastine
- levocetirizine
- loratadine
- mizolastine
- olopatadine
- promethazine
- rupatadine.
Meer informatie voor patiënten (Apotheek.nl)
Meer informatie voor professionals (Farmacotherapeutisch Kompas)
Aanleiding: verzoek van de minister
In 2023 heeft het Zorginstituut het rapport 'Afwegingskader noodzakelijk te verzekeren zorg' uitgebracht. Dit rapport werd opgesteld op verzoek van de minister van VWS. Doordat steeds meer medicijnen worden vergoed uit het basispakket van de zorgverzekering, gaan we kritischer kijken naar de samenstelling van het basispakket om zorg nu en in de toekomst betaalbaar te houden. In het rapport staat advies over hoe we kunnen bepalen of het noodzakelijk is om een geneesmiddel wel of niet op te nemen in het basispakket.
Vervolgens heeft de minister het Zorginstituut gevraagd om met het afwegingskader te kijken naar de vergoeding uit het basispakket van geneesmiddelen die ook zonder recept te koop zijn of van geneesmiddelen met vergelijkbare alternatieven die je zonder recept kunt kopen. Dit betekent dat we voor deze geneesmiddelen stapsgewijs gaan beoordelen of ze wel of niet moeten worden vergoed uit het basispakket.
In 2024 heeft het Zorginstituut al het geneesmiddel codeïne op deze wijze beoordeeld. Nu behandelen we de groep middelen bij allergie, dat zijn geneesmiddelen uit de groep met antihistaminica en cromonen.
De Adviescommissie Pakket (ACP) adviseert het Zorginstituut bij de beoordeling. De minister neemt de uiteindelijke beslissing om de geneesmiddelen wel of niet te vergoeden uit het basispakket van de zorgverzekering.
Uitleg over vergoeden van medicijnen
De middelen bij allergie die we in dit advies behandelen zijn extramurale geneesmiddelen. Extramuraal betekent: medicijnen voor thuisgebruik die u op recept van een arts bij de apotheek kunt halen. Ze worden alleen vergoed uit het basispakket van de zorgverzekering als ze in het GVS staan. Het GVS heeft meerdere bijlagen. Kijk voor meer uitleg over het GVS en de bijlagen 1A, 1B en 2 op de pagina ‘Vergoeding van extramurale geneesmiddelen (GVS)’.
Bekijk het filmpje voor meer uitleg over hoe wij de beoordeling van geneesmiddelen aanpakken.

[Zorginstituut Nederland]
Iedereen in Nederland betaalt mee aan de gezondheidszorg. Zorginstituut Nederland waakt erover dat die zorg goed én betaalbaar blijft.
Komt er bijvoorbeeld een nieuw medicijn op de markt, dan beoordelen wij of het vergoed moet worden uit het basispakket. We geven daarover advies aan de minister voor Medische Zorg.
Die beoordeling gaat zo:
Als een medicijn is goedgekeurd kan de fabrikant een aanvraag bij ons doen voor toelating tot het basispakket. Zodra we alle informatie en wetenschappelijke onderzoeken hebben ontvangen, gaan we aan de slag.
We beantwoorden vragen als:
- Hoe ernstig is de ziekte?
- Hoe goed werkt het medicijn?
- Bij welke groep patiënten?
- En, wat kost het ten opzichte van wat het oplevert voor de patiënt?
Als er al een medicijn voor de ziekte is, dan vergelijken we ze met elkaar.
Soms blijkt tijdens de beoordeling dat er onzekerheid is over hoe lang de ziekte wegblijft. Of dat het niet bij alle patiënten lijkt te werken. We adviseren dan over wie het medicijn moet krijgen.
Soms is het medicijn heel duur. Vergoeding hiervan kan dan ten koste gaan van zorg voor andere patiënten. We adviseren dan om over de prijs te onderhandelen.
Bij de beoordeling betrekken we patiëntenorganisaties, dokters en zorgverzekeraars. En we krijgen advies van twee onafhankelijke commissies:
de Wetenschappelijke Adviesraad en de Adviescommissie Pakket.
We wegen alle feiten en onzekerheden tegen elkaar af in ons advies. De minister besluit uiteindelijk of het medicijn vergoed wordt uit het basispakket.
Zo besteden we het geld voor de zorg, waar iedereen aan meebetaalt, aan goede medicijnen die het geld waard zijn.
[Van goede zorg verzekerd]
[Niet meer dan nodig, niet minder dan noodzakelijk]
[www.zorginstituutnederland.nl]
Meer informatie of vragen?
Hebt u vragen over dit advies? Mail uw vraag dan naar het Zorginstituut via warcg@zinl.nl.
Planning
| Stap in het proces | Datum |
|---|---|
| Start opstellen advies | 2025 |
| Consultatie conceptadvies (open consultatie) | 23 september tot 5 november 2025 (6 weken) |
| Bespreking in de Adviescommissie Pakket (ACP) | 13 februari 2026 |
| Besluit Raad van Bestuur | maart 2026 |
| Publicatie advies | maart of april 2026 |
Betrokken partijen
Partijen uit het zorgveld, onder andere:
- Federatie Medische Specialisten (FMS)
- Huid Nederland
- Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP)
- Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV)
- Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG)
- Nederlandse Internisten Vereniging (NIV)
- Nederlandse Oogheelkundig Gezelschap (NOG)
- Nederlandse Vereniging voor Allergologie en Klinische Immunologie (NVVAKI)
- Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK)
- Patiëntenfederatie Nederland (PFN)
- Vereniging van Allergiepatiënten (VAP)
- Zorgverzekeraars Nederland (ZN)
Partijen uit de industrie:
- Betrokken registratiehouders
- Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland (BOGIN)
- Generieke Leveranciers Nederland (GLN)
- Neprofarm
- Vereniging voor Innovatieve Geneesmiddelen (VIG)