Evaluatie standpunten Autologe vettransplantatie bij partiële defecten van de borst en het hoofd-halsgebied

Het Zorginstituut volgt de behandeling met autologe vettransplantatie (AFT) van gedeeltelijke defecten van de borst en het hoofd-halsgebied. In 2016 (defecten van borst) en 2017 (defecten van hoofd-halsgebied) heeft het Zorginstituut hierover een standpunt uitgebracht om te beoordelen of AFT voldoet aan ‘de stand van de wetenschap en praktijk’ en of voldaan wordt aan de wettelijke bepalingen over behandelingen van plastisch-chirurgische aard.

Autologe vettransplantatie

AFT (ook wel lipofilling genoemd) is een operatietechniek waarbij met liposuctie vetcellen uit het eigen lichaam worden gehaald. Vervolgens worden deze geïnjecteerd in gebieden van dezelfde persoon waar een tekort is aan lichaamseigen vetweefsel.

Voorwaarden voor vergoeding

Bij partiële defecten van de borst moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan voor vergoeding van AFT uit het basispakket:

  • een volumedefect van de borst met een minimale diameter van twee centimeter en een minimale diepte van twee centimer en dat in het decolleté ligt; of
  • een volumedefect van de borst met een minimale diameter van vijf centimeter en een minimale diepte van twee centimeter en dat in het niet-functionele gebiedligt; of
  • (mogelijke) complicaties of ernstige pijnklachten als gevolg van een tekort aan subcutane weefselbedekking na plaatsing van een prothese.

Bij partiële defecten van het hoofd-halsgebied behoort AFT tot de te verzekeren prestaties van de Zorgverzekeringswet (Zvw) bij onderstaande indicaties:

  • partiële defecten van hoofd-halsgebied als gevolg van de volgende congenitale aandoeningen: Parry-Romberg Syndroom, lokale (lineaire) sclerodermie, craniofaciale microsomie en Treacher Collins Syndroom;
  • partiële defecten van hoofdhals-gebied in geval van de volgende verworven aandoeningen: enucleatie (als onderdeel van de orbitareconstructie na oogverwijdering) en aangezichtsatrofie door verlamming;
  • hiv-geassocieerde lipoatrofie (van gelaat en billen);
  • fibrose (verlittekening) als gevolg van trauma, brandwonden, chirurgische ingrepen of radiotherapie.

Evaluatie toepassing van AFT bij partiële defecten van borst en hoofdhals-gebied

In de evaluatie van beide standpunten bekijken we of het werkelijk aantal AFT-behandelingen van borst en hoofdhals-gebied en de bijbehorende kosten binnen de raming blijven. De volgende onderzoekvragen zijn opgesteld:

  • Wat zijn de werkelijke kosten van AFT-behandelingen bij partiële defecten van de borst ten opzichte van de geraamde kosten?
  • Wat zijn de werkelijke volumes van AFT-behandelingen bij partiële defecten van de borst ten opzichte van de geraamde volumes?
  • Wat zijn de werkelijke kosten van AFT-behandelingen bij partiële defecten van het hoofd-halsgebied ten opzichte van de geraamde kosten?
  • Wat zijn de werkelijke volumes van AFT-behandelingen bij partiële defecten van het hoofd-halsgebied ten opzichte van de geraamde volumes?

Resultaten eerste tussenmeting AFT

Uit de eerste tussenmeting blijkt dat vanuit de Zorgverzekeringswet minder behandelingen met autologe vettransplantatie plaatsvinden dan verwacht. Ook de kosten zijn lager. We hebben echter geen aanwijzingen dat de geleverde zorg niet voor iedereen toegankelijk is. Wel adviseren we de beroepsgroep en de zorgverzekeraars om met elkaar in gesprek te gaan over de criteria die gesteld worden aan vergoeding vanuit het basispakket. Dit om te bespreken of aanscherpingen op de criteria nodig zijn.

Het Zorginstituut onderneemt op dit moment geen acties op het gebied van implementatie. Volgend jaar zullen we een nieuwe tussenmeting uitvoeren.

Planning

Het Zorginstituut voert in het tweede kwartaal van 2022 een nieuwe meting uit.

Voor informatie

Contactpersoon: Leonie Veltman
Mobiel: 06 - 51 04 26 22
E-mail: lveltman@zinl.nl