Zinnige Zorg - Nacontrole voor patiënten met niet-melanoom huidkanker en actinische keratose (implementatiefase)

Basaalcelcarcinoom (BCC) en plaveiselcelcarcinoom (PCC), en de (premaligniteit) actinische keratose (AK) zijn de belangrijkste vormen van niet-melanoom huidkanker. Door de vergrijzing in de algehele bevolking en de toegenomen zonexpositie zal het aantal patiënten met niet-melanoom huidkanker en/of actinische keratose in de nabije toekomst toenemen. Hierdoor zal mogelijk ook het aantal mensen toenemen dat zorg en controle na de initiële behandeling (nacontrole) nodig heeft. Samen met partijen hebben we ons gebogen over de vraag of de nacontrole verbeterd kan worden.

Geen verbetersignalement, wél verbeteringen

Samen met de (relevante) partijen is het Zorginstituut tot de conclusie gekomen dat het geen toegevoegde waarde heeft om een verbetersignalement op te stellen om de nazorg bij met niet-melanoom huidkanker of actinische keratose te verbeteren. De vraag die centraal stond tijdens de verdieping is hoe de nacontrole bij deze patiënten verbeterd kan worden. Om deze vraag te beantwoorden zijn onderzoeken uitgevoerd om tot zo concreet mogelijke verbetersignalen te komen. De onderzoeksresultaten uit de verdiepingsfase zijn op 17 mei 2018 met stakeholders besproken.

Het Zorginstituut heeft geconstateerd dat de partijen in de zorg al verscheidene initiatieven hebben opgepakt na de start van de verdiepingsfase ter verbetering van de nacontrole én van de nazorg in brede zin.

  • De landelijke richtlijnen voor niet-melanoom huidkanker zijn herzien (of de revisie is bijna afgerond).
  • Er is een huisartsenstandaard ‘Verdachte huidafwijkingen’ vastgesteld voor de behandeling van niet-melanoom huidkanker en actinische keratose.

Deze richtlijnen en standaard voor medisch specialisten en huisartsen bieden houvast voor het verbeteren van de invulling van de nazorg bij niet-melanoom huidkanker of actinische keratose. De partijen kunnen zich vinden in de conclusie dat de bevindingen uit de verdiepingsfase aansluiten bij de aanbevelingen uit de huidige richtlijnen en standaard. Het uitbrengen van een verbetersignalement om de verdiepingsfase af te ronden heeft daarom geen toegevoegde waarde.

Implementatie van de verbeteringen

Het Zorginstituut zal de implementatie van de richtlijnen ondersteunen en de implementatie in de praktijk monitoren. In 2019 zal het Zorginstituut de minister voor Medische Zorg en Sport informeren over de stand van zaken van het implementatie proces.

Zinnige Zorg - Zorg rondom nieuwvormingen

Zorginstituut Nederland heeft in 2015 in het kader van het programma Zinnig Zorg een systematische doorlichting uitgevoerd voor de zorg van het ICD-10 domein ‘Nieuwvormingen’ (C00-D48). De analyse was specifiek gericht op de nazorg bij de 5 meest voorkomende kwaadaardige aandoeningen. Het perspectief van de patiënt en de zorg die deze nodig heeft vormden het uitgangspunt van elke doorlichting.
Op grond van de systematische analyse en de inbreng van partijen tijdens de gezamenlijke bijeenkomsten en in de consultaties zijn er toen 5 verdiepingsonderwerpen benoemd.

Uit de systematische analyse is het vermoeden is gerezen, dat door meer gepast gebruik van zorg de kwaliteit te verbeteren is en mogelijk ook onnodige kosten te vermijden zijn. De 5 geselecteerde onderwerpen waren:

  • Zinnige nacontrole van mensen behandeld voor borstkanker
  • Zinnige zorg in de laatste levensfase bij mensen met longkanker of darmkanker
  • Zinnig gebruik en toegankelijkheid van (dure) oncolytica
  • Zinnige nacontrole bij mensen met huidkanker
  • Zinnig gebruik van dure geneesmiddelen bij mensen met castratie refractair prostaatcarcinoom

Voor informatie

Bert van Nistelrooij
E-mail: BNistelrooij@zinl.nl
Telefoon: 06 - 53 17 59 23

Betrokken partijen

  • Huidpatiënten Nederland
  • Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG)
  • Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venereologie (NVDV)
  • Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU)
  • V&VN Oncologie
  • Zorgverzekeraars Nederland (ZN)