Zorginstituut Nederland adviseert de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) over de invulling en uitvoering van de Wet BIG. Dit is de afkorting van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg. De wet bepaalt welke beroepen in de zorg een beschermde titel hebben. De wet bepaalt ook wie voorbehouden handelingen mag uitvoeren en hoe zij dat moeten doen. Dit zijn risicovolle medische handelingen die alleen door bevoegde beroepsbeoefenaren gedaan mogen worden. Zo beschermt de Wet BIG mensen tegen ondeskundig en onzorgvuldig handelen van beroepsbeoefenaren.
Wat regelt de Wet BIG?
De Wet BIG geeft regels voor een aantal beroepen in de gezondheidszorg. Voor een aantal van die beroepen geldt een verplichte registratie in het BIG-register. De wet regelt ook de voorbehouden handelingen.
Recente ontwikkelingen van de Wet BIG
In juni 2025 adviseerde de Gezondheidsraad de minister van VWS over de toetsingskaders in de Wet BIG. Het is aan het Zorginstituut om deze toetsingskaders nu verder te ontwikkelen en uit te werken. Daarom werken we sinds april 2026 aan nieuwe toetsingskaders voor beroepen en voorbehouden handelingen binnen de Wet BIG. We gaan pas toetsen nadat wij de nieuwe toetsingskaders hebben vastgesteld. Het doel is een toekomstbestendige Wet BIG die bijdraagt aan de kwaliteit van de individuele beroepsuitoefening. Zodat mensen kunnen rekenen op goede en veilige zorg.
Uitgangspunten van de Wet BIG
In Nederland is het verlenen van zorg in principe vrij. Beroepen worden alleen in de Wet BIG opgenomen als dit noodzakelijk is voor de kwaliteit van de individuele beroepsuitoefening en de patiëntveiligheid. Dit heet ook wel het ‘nee, tenzij’-principe. Het betekent:
- geen opname in de Wet BIG, tenzij dit noodzakelijk is
- geen zwaardere regels dan nodig
- eerst kijken of een andere oplossing mogelijk is.
In veel gevallen kunnen de kwaliteit van de individuele beroepsuitoefening en patiëntveiligheid ook op andere manieren worden bevorderd. Bijvoorbeeld via:
- richtlijnen
- protocollen
- kwaliteitsafspraken
- of kwaliteitssystemen binnen beroepsgroepen en zorgorganisaties.
Daarom staan de meeste beroepen in de individuele gezondheidszorg niet in de Wet BIG.
Wensen voor erkenning van een beroep, beroepsstatus of financieel-economische belangen zijn geen reden voor opname in de Wet BIG. Onnodige regels kunnen namelijk zorgen voor:
- extra administratieve lasten
- hogere kosten
- beperkingen in de inzet van beroepsbeoefenaren.
Ga naar het overzicht van de beroepen in de Wet BIG op de website van het BIG-register.
Over welke onderdelen van de Wet BIG adviseert het Zorginstituut?
Het Zorginstituut adviseert over de volgende onderdelen van de Wet BIG:
- Opname van beroepen in de Wet BIG
Het Zorginstituut beoordeelt of opname van een beroep in de Wet BIG noodzakelijk is voor de kwaliteit van de individuele beroepsuitoefening en de patiëntveiligheid.
- Bescherming van beroepstitels en opleidingstitels
Het Zorginstituut beoordeelt welke vorm van bescherming past bij een beroep. Sommige beroepen krijgen alleen bescherming van de opleidingstitel. Andere beroepen krijgen bescherming van beroepstitel en vallen onder:
- het BIG-register
- en het tuchtrecht.
Het Zorginstituut kijkt welke vorm van bescherming past bij de risico’s binnen het beroep.
- Voorbehouden handelingen
Het Zorginstituut beoordeelt of een handeling zoveel risico’s heeft dat deze alleen door bepaalde beroepen mag worden uitgevoerd.
- Bevoegdheid bij voorbehouden handelingen
Het Zorginstituut beoordeelt welke bevoegdheden nodig zijn om voorbehouden handelingen veilig en verantwoord uit te voeren. Daarbij kijkt het Zorginstituut welk niveau van bevoegdheid nodig is:
- werken in opdracht
- functionele zelfstandigheid
- of een zelfstandige bevoegdheid.
Ook hierbij geldt het uitgangspunt: niet meer regels en niet zwaarder dan nodig.
Hoe komt een advies over de Wet BIG tot stand?
Het Zorginstituut verzamelt en beoordeelt signalen uit de praktijk over de kwaliteit van de individuele beroepsuitoefening, patiëntveiligheid en de inrichting van beroepen en bevoegdheden in de Wet BIG. Op basis daarvan adviseren we de minister van VWS over:
- mogelijke aanpassing van de Wet BIG
- opname van beroepen
- of andere manieren om kwaliteit en veiligheid te verbeteren.
De minister beslist uiteindelijk of een advies wordt overgenomen.
Eerdere adviezen
In het verleden heeft het Zorginstituut voor de volgende beroepen geadviseerd over opname in de Wet BIG:
- Anesthesiemedewerker. Ons advies is van 10 maart 2020.
- Klinisch chemicus. Ons advies is van 11 september 2020.
- Operatieassistenten. Ons advies is van 25 mei 2021.
- Kinder- en jeugdpsycholoog NIP (K&J-psycholoog NIP). Ons advies is van 9 maart 2022.
- Klinisch fysicus. Ons advies is van 14 februari 2023.
- Klinisch fysicus audioloog. Ons advies is van 9 juli 2024.
Meer informatie of vragen?
Hebt u vragen over deze taak van het Zorginstituut? Mail uw vraag dan via ons contactformulier.
Planning
| Stap in het proces | Datum |
|---|---|
| Start doorontwikkeling toetsingskaders | Tweede kwartaal 2026 |
| Publicatie toetsingskaders | Tweede/derde kwartaal 2027 |
| Behandelen van signalen | Na publicatie kaders |