Wlz 2016

De staatssecretaris van VWS heeft in de Aanwijzing besteedbare middelen beheerskosten 2016 het macrobedrag dat beschikbaar is voor de uitvoering van de Wlz in 2016 vastgesteld op 148,687 miljoen euro. Het bedrag dient als dekking van de totale beheerskosten van de zorgkantoren en de Wlz-uitvoerders.

Beheerskosten

De kosten voor de uitvoering van de Wlz zijn gebudgetteerd. Op basis van de ministeriële regeling stelt het Zorginstituut beleidsregels vast voor de verdeling van het budget voor de zorgkantoren (71,203 miljoen euro) en het budget voor de Wlz-uitvoerders (77,484 miljoen euro).

Voorlopige vaststelling

In maart 2016 heeft het Zorginstituut de voorlopige beheerskostenbudgetten per zorgkantoor en per Wlz-uitvoerder vastgesteld. Hierop worden maandelijks voorschotten verstrekt uit het Fonds langdurige zorg (Flz).

Nadere en definitieve vaststelling

In november of december van 2016 stelt de staatssecretaris van VWS het macrobudget definitief vast in de Nadere Aanwijzing besteedbare middelen beheerskosten. Het budget van de zorgkantoren wordt vervolgens in mei 2017 nader vastgesteld.

Uiterlijk in 2018 worden de beheerskostenbudgetten van de Wlz-uitvoerders definitief vastgesteld en uiterlijk in 2019 de beheerskostenbudgetten van de zorgkantoren. Het Zorginstituut verrekent rente over te veel of te weinig verstrekte beheerskosten.

Zorgkosten

De kosten van Wlz-aanspraken die zorgkantoren en Wlz-uitvoerders rechtstreeks hebben betaald, worden naar werkelijke kosten vastgesteld en vergoed.

Voorlopige vaststelling

In oktober 2017 stelt het Zorginstituut per zorgkantoor en per Wlz-uitvoerder de zorgkosten voorlopig vast op basis van respectievelijk de financiële verantwoording zorgkantoren en de jaarstaat Wlz-uitvoerders.

Definitieve vaststelling

De definitieve vaststelling vindt uiterlijk in 2019 plaats. Hierbij worden eventuele correcties doorgevoerd op basis van de rapporten Wlz van de NZa.