ACP-advies aan de Raad van Bestuur van het Zorginstituut over de vergoeding van inavolisib (Itovebi®) in combinatie met palbociclib en fulvestrant voor de behandeling van borstkanker. De commissie heeft in haar vergadering van 7 augustus 2026 gesproken over de vraag of inavolisib (Itovebi®) in combinatie met palbociclib en fulvestrant moet worden vergoed uit het basispakket van de zorgverzekering. Het gaat om de behandeling van volwassen patiënten met PIK3CA (een typerende DNA-mutatie) lokaal gevorderde of uitgezaaide borstkanker. En bij wie hormoontherapie niet heeft gewerkt en de tumor op of binnen 12 maanden is teruggekomen. Tijdens de vergadering hebben de patiëntenorganisatie Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties (NFK), samen met Borstkankervereniging Nederland (BVN), de beroepsgroep Nederlandse Vereniging voor Medische Oncologie (NVMO) en de fabrikant Roche ingesproken.

Advies van de ACP aan het Zorginstituut

De commissie vindt het belangrijk dat inavolisib beschikbaar komt voor patiënten die deze behandeling nodig hebben. Toch vindt de commissie dat dit medicijn alleen mag worden vergoed als de prijs maatschappelijk acceptabel is.

Daarom adviseert de commissie om inavolisib (Itovebi®) in combinatie met palbociclib en fulvestrant nu niet op te nemen in het basispakket op te nemen voor deze borstkanker. Dat kan alleen als er een succesvolle prijsonderhandeling plaatsvindt. Dan moet de prijs minstens 92 % omlaag. Pas dan is het medicijn kosteneffectief volgens de norm van € 80.000 per extra gewonnen levensjaar van goede kwaliteit (QALY). De commissie heeft hierbij gekeken naar de hoge impact op het zorgbudget, het snel veranderende behandellandschap, mogelijke nieuwe toepassingen en de onzekerheid over hoe vaak het medicijn zal worden gebruikt. De commissie adviseert ook om afspraken te maken over een kort financieel arrangement. Verder raadt de commissie aan om bij de prijsonderhandelingen rekening te houden met bestaande geheime prijsafspraken voor vervolgbehandelingen.

Tot slot ziet de commissie graag dat er gepast-gebruik komen met de behandelend artsen. Hierin moet staan wanneer het middel gebruikt mag worden en hoe het doelmatig wordt ingezet.