In dit rapport geeft Zorginstituut Nederland inzicht in de geleverde kraamzorg van 2017 tot en met 2023. Uit de cijfers blijkt: de kraamzorg in Nederland moet én kan passender verdeeld. In het rapport geven we cijfers over kraamzorggebruik in Nederland. En we doen aanbevelingen om te komen tot een betere verdeling van kraamzorg. Zo dragen we bij aan passende kraamzorg. Én aan een gezonde en kansrijke start voor elk gezin in Nederland.
Aanleiding: kraamzorg onder toenemende druk
Kraamzorg is onderdeel van de zorg voor moeder en kind tijdens en na de bevalling. Het versterkt een gezonde en kansrijke start van het gezin. Nederland is uniek in de organisatie van deze zorg. Maar onze kraamzorg staat onder toenemende druk. De werkdruk onder kraamverzorgenden is hoog, onder andere door personeelskrapte. Een zorgwekkende ontwikkeling: een gebrek aan kraamzorg kan er onder meer toe leiden dat eventuele gezondheidsrisico’s bij ouder of kind niet op tijd worden gesignaleerd. Daarom brengt het Zorginstituut in dit rapport het zorggebruik van kraamzorg in kaart.
Samenvatting: ongelijke verdeling kraamzorg in Nederland
In het rapport beschrijven we 3 bevindingen:
- Landelijk gezien gebruiken bijna alle gezinnen kraamzorg. Zo’n 87% van de gezinnen maakte tussen 2017 en 2023 gebruik van 24 uur kraamzorg of meer, thuis en in het ziekenhuis. Het aandeel gezinnen dat helemaal geen kraamzorg gebruikte is zeer laag, zo’n 0,6%. Het komt iets vaker voor dat gezinnen in de thuissituatie minder dan 24 uur kraamzorg ontvangen.
- Er zijn grote regionale verschillen die oplopen tot een verschil van 1 dag. Gemiddeld ontvingen gezinnen in het zuiden van Nederland tot wel 8 uur minder kraamzorg dan in het noorden. Ook gebruikten gezinnen in het zuiden vaker minder dan 24 uur kraamzorg.
- Er zijn sociaaleconomische verschillen. Gezinnen met lagere inkomens ontvingen vaak minder uren kraamzorg dan gezinnen met hogere inkomens. Het verschil kon oplopen tot bijna 7 uur minder kraamzorg. En moeders jonger dan 25 jaar kregen gemiddeld zo’n 2,5 uur minder kraamzorg thuis dan oudere moeders. Gezinnen in opslagwijken hadden 1,5 keer zoveel kans op minder dan 24 uur kraamzorg dan andere gezinnen.
De cijfers roepen vragen op over de oorzaken van deze verschillen. Komt dit door drempels in de toegang tot kraamzorg? Of is mogelijk het aanbod niet goed passend bij wat verschillende gezinnen echt nodig hebben? Om de antwoorden op deze vragen te krijgen, hebben we meer inzicht nodig in de zorgbehoeften van verschillende gezinnen. Daarom doet het Zorginstituut een aantal aanbevelingen om te komen tot een passende verdeling van kraamzorg:
- Onderbouw indicaties beter. Dit betekent dat de kraamzorg die een gezin krijgt, goed onderbouwd moet zijn. Want kraamzorg is alleen passend als het écht aansluit bij wat een gezin nodig heeft.
- Breng drempels in kaart. Zoek uit waarom sommige gezinnen minder kraamzorg gebruiken, zoals gezinnen met een laag inkomen. Kijk ook of de eigen bijdrage hierbij een probleem vormt. En of deze drempels effect hebben op een gezonde en kansrijke start.
- Zet kraamzorg passend in. Verdeel kraamzorg daar waar die het meest nodig is, zodat gezinnen niet te veel of te weinig krijgen.
- Werk flexibel. Zet kraamverzorgenden flexibel in, zodat ze kunnen inspelen op wisselende zorgbehoeften van gezinnen en personeelstekorten in de regio.
- Versterk regionale samenwerking. Werk regionaal beter samen. En maak heldere afspraken tussen zorgaanbieders en zorgverzekeraars over een betere verdeling van kraamzorg, op basis van alle zorgbehoeftes binnen de regio.
Welke vervolgstappen neemt het Zorginstituut?
Om de beweging naar passende kraamzorg te ondersteunen, gaan we in gesprek met beroepsgroepen, brancheverenigingen, overheidspartijen, zorgverzekeraars en gemeenten. Samen bekijken we hoe de aanbevelingen uit dit rapport zich verhouden tot lopende ontwikkelingen in de kraamzorg. Zo kunnen we samen de noodzakelijke vervolgstappen bepalen. Alleen door onze krachten te bundelen kunnen we een bijdrage leveren aan passende kraamzorg. Én aan een gezonde en kansrijke start voor elk gezin in Nederland.
Meer over passende zorg
Passende zorg is een manier van samenwerken die ervoor zorgt dat iedereen ook in de toekomst goede zorg kan krijgen. Dat is zorg die werkt, waar mogelijk dicht bij de patiënt en waarbij patiënt en zorgverlener samen beslissen. Het gaat om een ommezwaai in ons denken over zorg. Minder focus op ziekte en behandeling. En meer inzet op gezondheid en wat iemand wel kan.
Meer informatie of vragen?
Hebt u vragen over dit rapport? Mail uw vraag dan naar Tessa van Zonneveld via ons contactformulier.