Onderzoek naar patiëntvriendelijker zorg bij pijn op de borst

Een onderzoek naar een veelbelovende, nieuwe techniek die ertoe kan leiden dat minder patiënten met pijn op de borst hartkatheterisatie hoeven te ondergaan, ontvangt een subsidie van € 658.926 uit de regeling Veelbelovende zorg van Zorginstituut Nederland en ZonMw. De techniek ‘Fractional Flow Reserve afgeleid uit CT (FFRct)’,  kan volgens de onderzoekers het aantal onnodige hartkatheterisaties bij pijn op de borst klachten met tot wel 33% verminderen. Als de onderzoeksresultaten aantonen dat FFRct effectieve zorg is, zal deze behandeling uit de basisverzekering worden vergoed.

De foto toont een pesoon die een CT-scan ondergaat in het ziekenhuis
©Hollandse Hoogte

Ieder jaar 180.000 nieuwe patiënten

In Nederland bezoeken elk jaar 180.000 nieuwe patiënten een cardioloog met klachten van pijn op de borst. Een CT-scan is één van de eerste onderzoeken die zij krijgen. Die laat zien of er sprake is van een mogelijke kransslagadervernauwing, maar 100% duidelijkheid verschaffen over de mate van vernauwing en in hoeverre die de pijn op de borst klachten veroorzaakt, is niet mogelijk. "De vernauwing die de CT-scan laat zien wordt in de praktijk vaak overschat", aldus radioloog en onderzoeksleider dr. Ricardo Budde van het Erasmus MC. Bij ongeveer 20% van alle patiënten laat de CT-scan een belangrijke vernauwing zien. Zij krijgen een aanvullend onderzoek, namelijk hartkatheterisatie. Hierbij wordt onder plaatselijke verdoving via de pols of lies een katheter met voerdraad via de slagader naar het hart geleid. Met behulp van Fractional Flow Reverse-techniek wordt vervolgens de doorstroming van het bloed in de kransslagader gemeten. Onderzoeksleider Budde: "Bij ongeveer een derde van de patiënten blijkt achteraf dat die hartkathetarisatie toch niet nodig was."

Innovatieve doorontwikkeling

De nieuwe FFRct-techniek waarvan de effectiviteit dankzij de subsidiëring kan worden onderzocht, is in de Verenigde Staten ontwikkeld. Het is een innovatie waarmee de bloeddruk in de kransslagader berekend wordt op basis van een analyse van de CT-scan. Hierdoor is geen aanvullende hartkatheterisatie nodig om de doorstroming van het bloed te meten en wordt aan het begin van het zorgtraject al meteen duidelijk welke patiënten een vernauwing van de kransslagader hebben die verder onderzoek noodzakelijk maakt. Dr. Ricardo Budde: "De verwachting is dat dit tot verbetering van de zorg bij pijn op de borst klachten leidt omdat er minder onnodige hartkatheterisaties zullen plaatsvinden. Onze aanname nu is dat er uiteindelijk 33% minder hartkatheterisaties nodig zullen zijn."
Het is niet duidelijk of de technologie ook tot minder kosten zal leiden. Budde: "We hopen op een besparing, maar de techniek van FFRct is natuurlijk ook niet kosteloos."

Meer dan € 13 miljoen voor veelbelovende zorg

Het onderzoek Addition of FFRct in the diagnostic pathway of patients with stable chest pain to reduce unnecessary invasive coronary angiography (FUSION) is 1 van in totaal 4 klinische onderzoeken naar veelbelovende, nieuwe behandelingen die op 18 juni 2020 samen ruim  € 13 miljoen subsidie hebben gekregen uit de regeling Veelbelovende Zorg. Deze regeling bestaat sinds 2019, wordt uitgevoerd door Zorginstituut Nederland en medisch onderzoeksfinancier ZonMw, en bevordert dat veelbelovende zorg sneller het basispakket kan instromen. “Vooral de zorgkosten tijdens onderzoeken zijn vaak hoog en lastig te financieren,” aldus Yuri Souwer, projectleider Veelbelovende Zorg bij het Zorginstituut. De regeling financiert naast de onderzoekskosten ook de hoge zorgkosten. Op basis van het wetenschappelijk bewijs neemt het Zorginstituut aan het eind van het onderzoekstraject binnen 6 maanden een standpunt in of de onderzochte zorg voldoet aan ‘de stand van wetenschap en praktijk’ en daarmee verzekerde zorg is.

Aan de FUSION-studie doen 6 ziekenhuizen en patiëntenvereniging Harteraad mee. Het onderzoek wordt gecoördineerd en geleid door de afdelingen Radiologie en Cardiologie van het Erasmus MC. De andere deelnemende ziekenhuizen zijn: het UMCG, UMC Utrecht, het Admiraal de Ruyter Ziekenhuis in Goes, St Jansdal in Lelystad en Gelre ziekenhuizen Apeldoorn. Aan het onderzoek moeten 528 patiënten gaan meedoen.