Om verzekerden te ondersteunen bij het stoppen met roken is het Stoppen-met-roken programma ingevoerd.

Stoppen-met-roken programma

Verzekerden die willen stoppen met roken kunnen aanspraak maken op een vergoeding voor het stoppen-met-roken programma. Dit is zorg zoals omschreven in artikel 2.5b van het Besluit zorgverzekering.

Het programma bestaat altijd uit begeleiding gericht op gedragsverandering en wordt indien nodig aangevuld met farmacologische ondersteuning (medicijnen). De zorgmodule ‘Stoppen met Roken’ en de CBO-richtlijn 'Behandeling van tabaksverslaving en stoppen met roken ondersteuning’ zijn hierbij richtinggevend.

Programma

De huisarts is meestal het eerste aanspreekpunt. De huisarts bespreekt samen met de verzekerde wat de mogelijkheden zijn om te stoppen met roken en bepaalt of en welke zorg en hulp er verder nodig is.
Een mogelijke vervolgstap van het programma is gedragsmatige ondersteuning door een gekwalificeerde hulpverlener of behandelaar. Sommige huisartsen bieden zelf een individuele of groepsbehandeling met het doel om het gedrag van de verzekerde te veranderen. Als de huisarts geen stoppen-met-rokenzorg of begeleiding biedt, kan de huisarts doorverwijzen naar een andere huisarts of een andere zorgaanbieder of instelling die deze zorg wel aanbiedt.
De verzekerde kan nicotinevervangende middelen krijgen ter ondersteuning bij het stoppen met roken als dat nodig is. Deze middelen worden dan vanuit het stoppen-met-rokenprogramma vergoed.
Als deze middelen niet voldoende werken, kan de verzekerde in aanmerking komen voor geneesmiddelen.

Eigen risico bij stoppen-met-roken programma

Als het stoppen-met-roken programma meer hulp of zorg inhoudt dan alleen consulten en behandelingen door de huisarts, dan is het eigen risico van toepassing.